Toespraak door WILLY DE CLERCQ,
op zijn huldezitting te Gent, op 30 november 2002


1. Gevoelens.

Dagen zoals deze vullen een mens met verschillende gevoelens. Ofschoon het niet gebruikelijk is dat politici hun gevoelens openlijk uiten, wil ik toch hierop vandaag een uitzondering maken. Ik word inderdaad wel overmand door een aantal gevoelens.

- Vooreerst een gevoel van dankbaarheid: dankbaarheid in verschillende vormen, voor hetgeen ik heb mogen meemaken, voor mijn lange en rijkgevulde carrière, voor een gelukkig privé-leven met een uitzonderlijke vrouw, lieve kinderen en leuke kleinkinderen, voor een goede gezondheid, voor de erkenning, en uiteraard ook voor de vaak oprechte vriendschap van de vele, zo talrijke, aanwezigen.

- Een gevoel van nostalgie: dit hangt nauw samen met dankbaarheid, namelijk terugkijken naar het verleden, een terugblik naar hetgeen voorbij is, successen, gelukkige tijden en geslaagde momenten, ook moeilijke maar vaak leerrijke ogenblikken - de "grote" vrienden van toen: Omer Vanaudenhove, die de grootste politieke aardverschuiving ooit in België wist te realiseren, Herman Vanderpoorten, de rustige leider op de achtergrond, Frans Grootjans, de denker, en waarbij ikzelf misschien de grootste communicator, de grootste verkoper van het liberalisme was. Wat had ik graag hen hier vandaag erbij gehad, maar wat me het meest deugd doet, is hier vandaag tussen hun weduwen te zitten, dat zij hier aanwezig zijn. Ik noem tenslotte Albert Maertens, hier aanwezig: de coach, bezieler en inspirator van en voor onze jongeren, van wie hij er velen heeft ontdekt.

- Een gevoel van genegenheid, voor al diegenen die mij jarenlang hebben omringd - soms van zeer dichtbij, soms vanop wat verdere afstand -; de talrijke mensen die mij hielpen in mijn leven, in de uitbouw van mijn carrière, de realisering van bepaalde dierbare projecten (ik verwijs naar mijn vroegere secretaris René Delmulle), genegenheid ook voor politieke opponenten en vanwege hen, om elkaar als mens te waarderen, genegenheid voor die talloze medewerkers die door de jaren heen mij hebben bijgestaan en geholpen.

Vandaag uiteraard voor al diegenen die dit unieke evenement hebben mogelijk gemaakt (het LVV, olv. voorzitter Clair Ysebaert; het Liberaal Archief olv. Luc Pareyn; de auteurs van de bijdragen in het huldeboek; de sprekers van deze morgen en U allen hier aanwezig). Mijn dank en genegenheid blijven zeker ondermaats.

- Een gevoel van enthousiasme, dat alles samenvat, namelijk dankbaarheid, genegenheid en nostalgisch terugblikken, maar dan onmiddellijk ook vooruit kijken, nagaan wat nog niet af is, wat nog moet afgewerkt en gerealiseerd worden. Levensprojecten zijn immers nooit af en moeten steeds bijgewerkt en bijgeschaafd worden. Wij beseffen dat we in het "nu" leven, maar zoals we weten dat er veel was, zo moeten wij ijveren opdat er nog meer komt. Alleen met enthousiasme kan zoiets worden verwezenlijkt.

2. Waarden.

Blijvend enthousiasme wordt gevoed door bepaalde waarden die een mensenleven zin geven. Misschien mag een 75-jarige hierover meer in het bijzonder met "jongeren" spreken. Noem dat - maar dat klinkt dan wellicht aanmatigend en betuttelend - een "boodschap".

Voor mij zijn steeds vijf waarden bijzonder belangrijk geweest. Die diepere waarden zijn ook de grondvesten van de Europese integratie, een proces dat - zoals u weet - mij nauw aan het hart ligt. De Franse Revolutie voerde drie waarden hoog in het vaandel: vrijheid, gelijkheid, broederlijkheid. Ik voeg er nog aan toe: tolerantie en vertrouwen.

Vrijheid is voor een liberaal ongetwijfeld het belangrijkste. Geen ongebondenheid, maar een vrijheid gebaseerd op verantwoordelijkheid, morele codes en een juridisch kader. In Europa hebben we aan deze vrijheid een zeer eigen definitie gegeven, onder andere met de principes van de sociaal gecorrigeerde vrije markt.

Ons concept van vrijheid hebben we vanuit Europa over de ganse wereld uitgedragen. Vandaag staan de ex-communistische landen aan te kloppen om toe te treden tot de Europese Unie. De vrijheid brengt derhalve mee dat de Europese integratie van een aanvankelijk uitsluitend Westeuropees project, uitgegroeid is tot een continentaal project.

"Strijden voor een vrijheidsideaal brengt veel levensvreugde en stimuleert ons om mee te helpen aan de uitbouw van een betere wereld." (citaat Albert Maertens). Laat ons niet bang zijn van de vrijheid.

Het is duidelijk dat vrijheid niet kan zonder solidariteit. Solidariteit moet gezien worden als broederlijkheid, als de zorg om anderen: solidariteit met de medemens, vooral de minstbedeelden, met andere volkeren, met andere cultuurgemeenschappen, met achtergestelde regio's en met landen die achterblijven in hun ontwikkeling.

Vandaag is de solidariteit in gevaar: het egoïsme - nationaal en individueel - steekt meer en meer de kop op. De ons omringende omstandigheden wijzigen voortdurend en we moeten er dan ook op toezien dat de solidariteit niet verloren gaat.

In de buurt van de solidariteit ligt de gelijkheid, in de zin van het tegengaan van te grote ongelijkheden. Gelijkheid betekent echter geenszins vervlakking: in dat geval zou het de creativiteit en de ondernemerszin doden, wat tot een grauwe samenleving zou leiden zonder fantasie en zonder reële kans op vooruitgang.

Gelijkheid als waarde moet vooral opgevat worden in de zin van gelijkwaardigheid: een echte Europese waarde, die wij in haar essentie moeten koesteren.

Ik kom zo tot de tolerantie. Het is de eigenschap bij uitstek om de vrede te bewaren. Die vrede wordt ondermijnd door onrust, wantrouwen, onderlinge spanningen, door extreme krachten, die er op uit zijn de mensen en volkeren terug in de onverdraagzaamheid en het avontuur te storten.

Tolerantie is veel méér dan "gedogen": het betekent, naast het stimuleren van experimenten, ook het accepteren van verschillen, de garantie voor verscheidenheid, voor het "anders" zijn. Het Europese voorbeeld van "éénheid door verscheidenheid" is een uitdaging, die inspirerend, verrijkend én vernieuwend kan werken.

Tenslotte is er het vertrouwen. Vertrouwen is een belangrijke voorwaarde om succes te hebben in het leven. Het omvat verschillende facetten: vertrouwen in onszelf, vertrouwen in anderen, in onderlinge relaties - het gezin, de familie, vrienden -, vertrouwen van de burgers in de overheid en de politiek, vertrouwen van mensen in de maatschappij, van investeerders in de economie, van de sociale partners in elkaar. Het is dus vooral een kwestie van mentaliteit, cultuur, van durf en instituties.

Vertrouwen geeft met andere woorden een diepere bezieling aan ons leven en dat van anderen. We moeten vertrouwen hebben in de toekomst. Die toekomst is geen gave, maar een opgave, waar wij samen, dag in dag uit, aan moeten werken.

We moeten vertrouwen hebben in de democratie. "Niemand van ons zal beweren dat de democratie, zoals wij ze kennen, volmaakt is. De kracht van de democratie is niet gelegen in haar volmaaktheid, maar in de gewaarborgde zekerheid de fouten ervan te mogen en te kunnen aantonen en ze te verhelpen" (Ik schreef dit reeds als liberaal studentenleider in januari 1950, in het Neohumanisme).

Dames en heren,

De waarden waarover ik sprak - er zijn er beslist nog andere - zullen wellicht essentieel zijn voor de uitbouw van de maatschappij waarin we willen leven en de visie die wij hierop moeten hebben.

Er is de jongste tijd in Vlaanderen veel herverdeeld, herverkaveld, herschikt en herschilderd. Maar ik betwijfel of het landschap hierdoor echt duidelijker is geworden. Er is veeleer vervaging. Wat er ook van zij, nu het werk van de herverkavelaars af is, moeten de architecten en ingenieurs aan het werk.

We hebben het hier zeker niet slecht, wel integendeel. Maar vandaag is vandaag en morgen moet nog komen. Politici moeten waarden verdedigen mogen geen blinddoek om doen in de hoop de uitdagingen niet te moeten zien: de vergrijzing, de toenemende internationalisering en globalisering, de veiligheid in de wereld, de uitbreiding van de Europese Unie, uitdagingen die stuk voor stuk een belangrijke impact zullen hebben op ons leven en die rechtstreeks de burgers zullen aanpakken. Die burgers hebben het recht de waarheid te kennen en zullen daarom keuzes moeten maken en dit in volle klaarheid.

Daarom hebben politici de plicht te luisteren en hun boodschap te koppelen aan betrouwbaarheid, soliditeit, duidelijkheid en kwaliteit. Tenslotte zijn de liberale democratie, het humanisme en de kosmopolistische samenleving, gestoeld op wederzijds begrip, interesse en eigen verantwoordelijkheid, te dierbaar om ze prijs te geven aan het radicalisme van zowel een Filip Dewinter als van een Abou Jahjah.

Ik ben ervan overtuigd dat mijn vrienden en alle democratische krachten er zullen in slagen die boodschap met succes te verspreiden. Wie zei ook weer "de toekomst is vrij" ?

Willy De Clercq


(top)