www.liberaalarchief.be
CONGRES VAN DE LIBERALE PARTIJ
BRUSSEL, 24-25 november 1945
CONGRESWENSCHEN EN RESOLUTIES



1re Section: CommerÁants, industriels, artisans.



1e AFDEELING: Handelaars Ė Nijveraars Ė Ambachtslieden



De Liberale Partij
A. Ė Zich voorstander verklarend:
1) van den terugkeer tot de vrijheid van handel en nijverheid;
2) van een expansie-politiek op handels- en nijverheidsgebied;
3) van een beroepsstatuut waarin het private initiatief wordt geŽerbiedigd;

B. Ė Zich tegenstander verklarend van elke organisatie met corporatieve strekking;

C. Ė Eischt:
1) de afschaffing van het stelsel, bestaande in het verleenen van in- en uitvoervergunningen;
2) de afschaffing der beroepsraden; de Kamers van koophandel, met hun syndicale afdeelingen, zijn bevoegde beroepsorganismen van adviseerenden aard, waarvan de beroepseerlijkheid is erkend.
3) een ernstige prospectie der buitenlandsche markten;
4) de inrichting door het Staatsbureel voor handelszaken van een Dienst voor NijverheidsoriŽnteering;
5) een expansiepolitiek op bank-, zee- en luchtvaartgebied;
6) de uitbreiding van den Nationalen Dienst voor beroepskeuze;
7) Zoo spoedig mogelijk het onderzoek van het ontwerp van de beroepsorganisatie, mede onderteekend door de hh. Dierckx, Henricot en Catteau en thans ingediend bij den Senaat;
8) den financieelen steun van den Staat voor de uitwisseling, met het buitenland, van studenten en technici;
9) de goedkeuring door het parlement van een wetgeving tot bescherming van den handelseigendom;
10) de wijziging van de wetgeving op het Handelsregister;


2de AFDEELING: Bedienden, ambtenaars en andere leden van het personeel der Openbare Diensten


Na bevestiging van de wenschen vervat in het Handvest, goedgekeurd door het Congres op 23 juni 1945, eischt de Liberale Partij:

A.- Handelsbedienden, -vertegenwoordigers en reizigers:
1) de herziening der wet van 7 Augustus 1922 op de bediendenovereenkomst;
2) een speciaal statuut voor de handelsvertegenwoordigers en Ėreizigers;
3) de wettelijke erkenning van het beginsel der collectieve contracten;

B.- Ambtenaars en Beambten der Openbare Diensten:
1) zuivering der openbare besturen;
2) een sociaal statuut, ingegeven door de maatregelen inzake maatschappelijke zekerheid, voorzien voor de privaatarbeiders;
3) de herziening van het statuut van het Rijkspersoneel.

C.- Gemeenzame resoluties der beide onderafdeelingen
1) een billijke bezoldiging van den arbeid, ten einde in al de levensbehoeften te kunnen voorzien;
2) de wettelijke erkenning van het beginsel: "voor hetzelfde werk, hetzelfde loon";
3) de veralgemeening van het regime der paritaire commissies.


Uittreksel uit het Algemeen verslag: ďWegens den gansch bijzonderen aard der werkzaamheden der 3de afdeeling (Landbouwers), werd beslist dat zij worden versmolten met de Commissie voor LandbouwĒ. (Zie verder)


4e AFDEELING: Vrije beroepen


Zich bewust zijnde van de belangrijke rol welke door die beroepen in de samenleving wordt vervuld, wordt door de Liberale Partij

A. GeŽischt:
1) de "revalorisatie" der vrije beroepen, zoowel door de heropvoering van hun moreele standing, als door de verbetering van de stoffelijke voorwaarden onder welke zij arbeiden en door het einde van de fonctionniseering en de etatiseering van de vrije beroepen;
2) de eerbiediging van de persvrijheid, met als uitvloeisel de goedkeuring van een wet tot vergemakkelijking van de beteugeling der laster- en eerroovende campagnes;

B. Voorgestaan:
de oprichting van beroepsorders van geneesheeren, apothekers, landmeters, architecten, enz. als organismen, onafhankelijk zijnde van de openbare machten, doch wettelijk over de noodige tuchtbevoegdheden beschikkend om de plichtenleer op te leggen.


5de AFDEELING: Financieele en fiscale aangelegenheden


Fiscaliteit

Overwegende
- dat de fiscale maatregelen geen schade mogen berokkenen aan 's lands economische ontwikkeling, door het sparen te ontmoedigen, door de belemmering van den omloop der goederen en door de vermindering van het verbruik;
- dat de last der belastingen met meer rechtvaardigheid en op billijke wijze dient verdeeld;
- dat de opbrengsten van den arbeid gematigder dienen getaxeerd dan die van het kapitaal;
- dat de betaling der belastingen driemaandelijksch moet kunnen geschieden, en zelfs maandelijks;
- dat de huidige belastingen te zwaar drukken op den belastingplichtige en op een te verwarde manier zijn opgemaakt, waardoor het Bestuur niet meer bij machte is controle uit te oefenen;
- dat het recht van beroep dient behouden en verbeterd voor al de belastingplichtigen;
- dat de wetgeving inzake vereenigingen, zonder winstoogmerken, dient te worden herzien;

stelt de Liberale Partij voor:
A.- In zake bedrijfsbelasting, nationale crisisbelasting en aanvullende personeele belasting:
1) de vervanging van de eerste twee reeksen belastingen door een ťťnige belasting;
2) de gelijkberechtiging voor alle burgers;
3) de aanpassing van de vrijgestelde minima en van de progressiviteitbedragen aan de gevolgen van de muntontwaarding;
4) een progressiviteit der belasting volgens ruimere schijven, met toepassing van het bedrag op de schijf en niet op het totaal bedrag der inkomsten;
5) de afschaffing van het aangifteblad voor de belastingplichtigen wier integrale inkomsten aan de bron worden getaxeerd;
6) de erkenning door den fiscus van de feitelijke toestanden (b.v. gescheiden levende echtgenooten);
7) de vereenvoudiging van de aangifteformulieren voor de andere belastingplichten;
8) de wederinvoering van het patentrecht dat voor de kleine handelaars de hooger vermelde taxe zou vervangen;

B.- In zake mobiliere belasting:
Eenmaking en vereenvoudiging der bedragen om de inning minder plagerig te maken en van het bedrag uit te schakelen (de zelfde inkomsten dienen niet tweemaal belast in hoofde van den belastingplichtige).

C.- In zake overdracht-, weelde- en factuurtaxe:
1) de vervanging dier taxes door een ťťnige heffing aan de bron van een forfaitaire taxe, waardoor al de handelaars op gelijken voet worden gesteld;
2) controle aan de bron.

D.- In zake grondbelasting:
1) taxeering rechtstreeks op het netto en werkelijk inkomen voor de gehuurde goederen, in afwachting van den terugkeer naar een kadastrale basis, die zal blijken uit een in gang zijnde kadastrale herziening;
2) herziening van het kadastraal inkomen voor de door den eigenaar bezette goederen, rekening houdend met de herstellingslasten;
3) eenvormige belasting, voor de gebouwde of niet gebouwde gedeelten van een zelfden eigendom.

E.- In zake successierecht:
De herziening van de belastingen ten laste van de vereenigingen, zonder winstoogmerken, met het oog op een rechtmatige gelijkheid ten opzichte der belastingen.

F.- In zake toepassing der belastingen:
Aanneming van de algemeene maatregelen, noodzakelijk om rekening te houden met de veranderingen welke zich in de economische voorwaarden voordoen.

G. Op administratief gebied:
1) een betere inrichting der diensten;
2) de verplichting, voor de ambtenaars van het Hoofdbestuur, een stage te doen (van twee jaar) in de buitendiensten;
3) hervorming van de samenstelling der taxeeringscommissies en herinrichting van de voor deze geldende procedure met het oog op meer doeltreffende bescherming van den belastingsplichtige.

Krediet
A.- Versmelting van de organismen die zich bezig houden met kredietverleeningen aan den middenstand met het oog op een vermindering der algemeene onkosten;
B.- een herinrichting van die diensten met het oog op:
1) de vermindering der formaliteiten tot verleenen der kredieten;
2) een minder groote strengheid van de voorwaarden tot verleenen dezer kredieten;
3) de verhooging der kredieten, inzonderheid met het oog op de wedersamenstelling der stocks;
4) een meer doeltreffende steunverleening en inzonderheid, bij voorrang, aan de geteisterden;
5) een onderlinge verzekering tot goed aanwenden der kredieten;

C.- Een organieke wet waarbij, op doeltreffende en volledige wijze, de pandgeving van het handelsfonds wordt erkend.

Daarenboven vraagt de Liberale Partij:
1) de aanpassing, voor de onafhankelijke arbeiders, van de maatregelen inzake maatschappelijke zekerheid;
2) de verplichte perequatie der pensioenen en levenslange renten, voor den oorlog onderschreven bij de openbare en private Pensioenkassen;
3) bescherming van het sparen;
4) een speciale controle van den Staat op den toestand der vennootschappen op aandeelen die beroep doen op het openbaar spaarwezen;
5) het verzaken aan de politiek, bestaande in de overdracht van de Staatsmachten op onverantwoordelijke inrichtingen;
6) liquidatie van de sedert 1940 opgerichte parastatale inrichtingen;
7) bescherming van alle loyale uitingen der mededinging;
8) een wetgeving tegen alle misbruiken der financieele en economische concentraties;
9) gezonde openbare financiŽn, behelzend de beperking der gerechtvaardigde en nuttige bestuursuitgaven tot de ontvangsten.


LANDBOUW


De Liberale Partij zal een politiek volgen die van aard is aan den landbouw een statuut te bezorgen dat de belangstelling waardig is, door de studie van al de kwesties, verband houdend met de landbouweconomie.
Onder de menigvuldige actueele kwesties, op gebied van landbouwpolitiek, zet de Liberale partij de volgende eischen op het voorplan:
1) de zoo snel mogelijke terugkeer naar de vrijheid van den producent en de afschaffing van alle belemmeringen, aangebracht door de tijdens den oorlog opgerichte organismen.
2) Vaststelling van de maandelijksche productie-cijfers en exploitatiekosten.
3) Vaststelling van de rentabiliteitscoŽfficienten der landbouwbedrijven, per streek, voor iedere soort speculatie.
4) Vaststelling van de verkoopprijzen volgens de kostprijzen en rekening houdend met een voldoende winstmarge tot waarborging:
a) van een interest voor de belegde kapitalen;
b) van een rechtmatige bezoldiging van den arbeid van den exploitant en van de leden van zijn gezin.
5) Afschaffing van de overtollige tusschenpersonen die, geplaatst tusschen landbouwer en verbruiker, een der oorzaken zijn van de levensduurte.
6) Doorvoeren van een politiek, van aard aan de landbouwarbeiders dezelfde voordeelen voor te behouden als aan de industriearbeiders, inzake sociale wetten.
7) Inrichting van een ernstigen dienst voor statistieken, wat den invoer betreft: hoeveelheid en waarde.
8) Invoering, in al de gewesten van het land, van een officieel landbouwberoepsonderwijs, en oriŽnteering van de jeugd naar het technisch landbouwonderwijs; wij zijn van oordeel, dat op dit gebied geen enkele krachtinspanning mag worden verwaarloosd.
9) Benuttiging van de Rijkslaboratoria en andere voor de ontleding der meststoffen, zaaigranen, enzÖ
10) Ontwikkeling van de Centra voor landbouwkunde en de wetenschappelijke Instituten (onderzoekslaboratoria), waarvan de werkzaamheden zullen worden gericht naar de verbetering van de landbouwproductie in hoedanigheid en hoeveelheid - inzonderheid door de bestrijding van alle oorzaken van verlies.
11) Aanprijzing door de pers en door andere propagandamiddelen, van al wat de landbouwproductie in het land kan verhoogen en verbeteren.
12) Aanmoediging, door middel van toelagen, van de fokvereenigingen en inzonderheid voor de paardenfokkerij, welke een uitvoerbron uitmaakt waarvan het belang niet mag worden onderschat.
13) Aanmoediging van bijzondere teelten: groenten-, fruit-, nijverheids- en andere teelten, die een belangrijke rol in 's lands economie vervullen.
14) Bevordering van al wat van aard is den hoenderteelt uit te breiden door het verleenen van toelagen aan de kringen voor kleinveeteelt.
15) Rationeele inrichting der binnenlandsche markt om de excedenten der binnenlandsche productie op te slorpen in geval van verhinderen uitvoer. Dit is inzonderheid het geval voor den fruitteelt.
16) Toepassing van een krachtdadige politiek inzake melk- en boterproductie. Strenge controle der melkerijen, ten einde misbruiken van hunnentwege te voorkomen. Aanmoediging der productie en het verbruik, ten einde dien activiteitstak in stand te houden, ten voordeele van de kleine bedrijven, die in het land een groote meerderheid uitmaken.

DE LIBERALE PARTIJ
Erkent de dwingende noodzakelijkheid een landbouwpolitiek te voeren in overeenstemming met 's lands belangen.
Vraagt vanwege de hoogere machten dat overgegaan zou worden tot de studie en de toepassing van een programma, van aard de vrije ontwikkeling van den Belgischen landbouw te waarborgen.
Die politiek is des te noodzakelijker, daar de economische structuur van den landbouw een zeer groot aantal kleine bedrijven omvat die nagenoeg uitsluitend leven van de producten die zij uit den grond trekken. Dit is een element van hoofdzakelijk belang in economisch en sociaal opzicht.
Eischt voor den Belgischen landbouw de mogelijkheid op, de plaats in te nemen die hij verdient in het raam van 's lands algemeene economie, en dit op een gelijken voet met de andere takken der nationale bedrijvigheid.
Beslist bij te dragen tot het herstel van den landbouw door elke regeeringsactie te steunen die een initiatief in dien zin zal nemen.


POLITIEK EN ECONOMISCH PROGRAMMA


I. Politiek Programma

1) BelgiŽ, dat de verdediging van zijn grondgebied niet met eigen middelen kan verzekeren, dient zich in te schakelen in het stelsel der collectieve veiligheid.
2) BelgiŽ, hoewel het de ernstige gebreken betreurt van de nieuwe internationale organisatie, gesproten uit de Conferentie van San Francisco, betuigt zijn instemming met het Handvest der Vereenigde Naties.
3) BelgiŽ zal de realistische politiek der gewestelijke ententes in het raam der universeele samenwerking begunstigen.
4) BelgiŽ dient door zijn aardrijkskundige ligging, een politiek van Westersche solidariteit aan te wakkeren.
5) BelgiŽ zal zijn traditioneele politiek van evenwicht en harmonie tusschen Frankrijk en Engeland behouden, daar de verstandhouding tusschen die twee mogendheden de vrijwaring uitmaken van zijn onafhankelijkheid.
6) BelgiŽ dient te streven naar een Hollandsch-Belgische toenadering, meer in het bijzonder ten einde gemeenschappelijke veiligheid van de beide landen te verzekeren.
7) Ten opzichte van Duitschland, vraagt BelgiŽ werkelijke en blijvende veiligheidswaarborgen.
8) BelgiŽ eischt de eer en den last op, onmiddellijk deel te nemen aan de bezetting van West-Duitschland en later aan de controle der internationale basissen, die aldaar zullen worden aangelegd. Het beschouwt Rijnland en Roer als een veiligheids- en belangensfeer, gemeen voor de Westersche naties.
9) Als herstel, vraagt BelgiŽ ten minste een exploitatievoorrecht op de kolen der bekkens van Aken, de bruinkolen van Euskirchen, de Eifelwouden en de dammen van Urft en der Roer, onverminderd andere schadeloosstellingen.
10) BelgiŽ eischt een uitbreiding van souvereiniteit tot de weinig bevolkte woudgebieden die zijn Rijngrens afbakenen, evenwel onder de dubbele voorwaarde dat die gebieden zouden worden onderworpen aan een bijzonder inboorlingenregiem, waarbij de bevolkingen uitgesloten zouden zijn van het kies- en verkiezingsrecht en de ongewenschte elementen ongenadig zouden worden uitgedreven.
11) BelgiŽ moet er zich van bewust worden, dat het een groote economische en koloniale mogendheid is, en dat, als dusdanig, een te bescheiden diplomatie zijn belangen zou schaden.

II. Economisch Programma

1) De economische politiek van BelgiŽ is gesteund op den vrijhandel, die voor ons land een bestaansvoorwaarde uitmaakt.
2) De Nederlandsch-Belgisch-Luxemburgsche economische gemeenschap is slechts mogelijk gemaakt geworden doordat zij twee landen samenbrengt waar de vrijhandel heerscht.
3) De Nederlandsch-Belgisch-Luxemburgsche gemeenschap is slechts een eerste stadium dat, door de verdubbeling onzer markt, noodzakelijk de Fransch-Belgische economische toenadering begunstigt, die aan onze wenschen beantwoordt.
4) De rol van BelgiŽ, op het economisch, zoowel als op het veiligheidsplan, is aan te sporen tot de ruimst mogelijke Westersche entente.
5) De noodzakelijkheid der handelsexpansie is voor BelgiŽ van vitaal belang.
6) De vrede stelt voor ons land geduchte economische vraagstukken, daar BelgiŽ zich morgen in mededinging zal vinden met machtige industrieele naties, die op ontzagelijke wijze hun productiemiddelen door den oorlog hebben verhoogd en verbeterd.
7) De actie der Regeering dient van heden af, uitgeoefend door het sturen van economische zendingen naar het buitenland, door het invoeren van een belastingenpolitiek strekkende tot de aanmoediging van de modernisatie en de hernieuwing onzer productiemiddelen, het voeren van een politiek van krediet bij den uitvoer, de ontwikkeling van onze handelsvloot, het afsluiten van handelsakkoorden waarbij het te gelde maken van onzer invoer wordt voorzien, een nauwe samenwerking tusschen onze officieele vertegenwoordigers in het buitenland en de zakenwereld.
8) De actie van de Belgische industrie dient gericht naar het oprichten van vaste diensten voor handelsexpansie, naar de specialisatie der fabricageprogramma's, de collectieve organisatie der export-diensten en de gemeenschappelijke vertegenwoordiging der Belgische belangen in het buitenland.
9) De oprichting in BelgiŽ van een groote vrijhaven, op wiens grondgebied, wij zelf en onze geallieerden, beschermd voor alle tolvitterijen en begunstigd door een regime van internationale vrijheid, zouden kunnen nieuwe nijverheden oprichten, die o.m. deze fabrieken, verwoest in Duitschland zouden kunnen vervangen en die met onze nationale nijverheden niet zouden mededingen. Dit voor het heil van het gansche land.
10) Door een samengeordende krachtinspanning onzer Regeering, van onze nijveraars van onze zakenbanken, van onze officieele vertegenwoordigers in het buitenland, zullen wij er in slagen, onze plaats in de wereld terug in te nemen.


POLITIEKE EN BESTUURLIJKE STRUCTUUR VAN DEN STAAT


HET LIBERAAL CONGRES
- zijn wil bevestigend zich niet te laten verdeelen inzake de Waalsche kwestie;
- besluit een Commissie samen te stellen, die het Waalsch vraagstuk zal bestudeeren en er verslag over uitbrengen bij het Congres
- besluit dat een bijzonder Congres zal bijeenkomen in januari 1946, waarop over dit verslag zal beraadslaagd worden.


CONGRESMOTIES
OORLOGSSCHADE


HET LIBERAAL CONGRES
- betreurt dat de regeering nog steeds het Parlement geen wetsontwerp voorgelegd heeft, dat het herstel der oorlogsschade verzekert, niettegenstaande de belofte te dien opzichte gedaan door het Ministerie van Oorlogsschade;
- hoopt dat het initiatief der liberale verkozenen in het Parlement zal voorzien in het in gebreke blijven van de regeering, indien dit laatste moest voortduren;
- wenscht de volksvertegenwoordigers Van de Wiele en Tahon geluk, voor het indienen van een wetsvoorstel met het oog op de oprichting van een "Nationale Autonome Kas voor Oorlogsschade".

DIVERSEN


HET NATIONAAL CONGRES VAN DE LIBERALE PARTIJ
tolk van de algemeene wilsuitdrukking van het gezond gedeelte van de Natie, wil dat alle vrijwillige arbeiders voor Duitschland of voor de met Duitschland geallieerde landen, zouden geschrapt worden uit de kiezerslijsten.

HET LIBERAAL CONGRES,
belast het Bureau van den Landsraad der Partij met de oprichting van een bijzondere commissie voor het onderzoek van de kwestie der nationalisatie van de ondernemingen van openbaar nut, om dit aanhangig te maken, hetzij bij een eerstkomend Congres, hetzij bij het Bestendig Comitť, ten einde de houding van de partij daartegenover te bepalen.

Wenscht het Liberaal Congres geluk met zijn krachtdadige houding inzake de administratie epuratie.
Stelt met spijt vast, dat tot op heden, geen enkele maatregel getroffen werd om de inschrijving in het handelsregister te onttrekken aan de handelaars die in hun burgerplichten tekort schoten en die door hun medewerking met 's lands vijanden, vele voordeelen gehaald hebben en die vandaag nog, door hun betrekkingen onder den oorlog gevestigd, in staat zijn de onbesproken burgers voorbij te stevenen.
Wenscht dat onze mandatarisen vanwege de regeering een maatregel zouden eischen, waardoor alle handelsbedrijvigheid aan bovengenoemde handelaars alsmede aan hun tusschenpersonen zou verboden worden.

HET LIBERAAL CONGRES,
vraagt aan het Partijbureau een Bestendige Commissie voor de Jeugd te willen oprichten, die de werken van belang voor de Jeugd zal coordonneeren en die thans van verschillende bestendige Commissies van de partij afhangen.

DE LIBERALE PARTIJ, in Congres vereenigd,
- getroffen door de gerechtvaardigde protesten vanwege het personeel der openbare besturen, tegen de loonenpolitiek der regeering;
- een nieuwe desertie van het gespecialiseerd personeel van de provinciale en gemeentelijke besturen vreezend, ten voordeele van de private ondernemingen die beter betalen;
- anderdeels een gerucht overnemend, dat thans de ronde doet onder het personeel der provinciale en gemeentelijke diensten ten opzichte van de ontwerpen van toepassing der verminderde baremabedragen, die zouden aan het staatspersoneel toegekend worden;
- aangezien het billijk is, aan deze categorieŽn van ambtenaars, met gelijke en gelijkgestelde functies, een gelijkgesteld, met dit voor het staatspersoneel voorzien barema toe te kennen;
Dringt aan bij de Regeering
1) alles in het werk stellen om de toepassing der barema's te verhaasten;
2) de volledige assimilatie toe te staan aan de reeksen der staatsloonen ten gunste van het provinciaal en gemeentelijk personeel en gaat over tot de dagorde




top