www.liberaalarchief.be
CONGRES VAN DE LIBERALE PARTIJ
BRUSSEL, 27-28 october 1956
CONGRESRESOLUTIES


DE INTERNATIONALE POLITIEK


HET CONGRES VAN DE LIBERALE PARTIJ,
Overwegende dat allťťn de eendracht onder de naties de wereld zowel van het oorlogsgevaar als van ernstige economische en sociale stoornissen kan vrijwaren;

- LEGT de nadruk op de dringende noodzakelijkheid steeds ruimere gebieden open te stellen voor het vrij verkeer van mensen, ideeŽn, goederen en kapitalen, opdat overal de algemene levensstandaard zou worden opgevoerd en aan alle mensen de vrijheid zou worden gewaarborgd in een atmosfeer van veiligheid; een eerste stadium dient gezocht in het tot stand brengen van een gemeenschappelijke Europese markt, waarop het privaat initiatief vrijelijk zijn scheppende kracht zal mogen ontwikkelen, alsook in de verwezenlijking van de Euratom, die het mogelijk zal maken, voor de op het gebied der kernenergie bestaande feitelijke solidariteit, een positieve vorm te vinden;

- BESCHOUWT de geleidelijke en vrijwillige overdracht door de Staten van een deel hunner bevoegdheden naar internationale of supranationale organismen, om te worden uitgeoefend in het algemeen belang, als een liberale opvatting, doch het mag niet dat zij aanleiding zou geven tot pogingen om een internationaal dirigisme in te voeren;

- VERKONDIGT het recht van alle volken op onafhankelijkheid en vrijheid, zonder dat de strategische belangen der grote mogendheden daarvoor een hinderpaal mogen zijn;

- BESCHOUWT een dergelijke politiek als de voorwaarde tot een algemene en gecontroleerde ontwapening, enige uitweg voor de redding der mensheid;

- IS VAN OORDEEL dat de betrekkingen met de nieuwe landen zouden moeten gevestigd zijn op de beginselen van gelijkheid en solidariteit, waarbij de technisch geŽvolueerde natiŽn tot taak hebben aan die landen hun medewerking en hun hulp te bezorgen om het behoud te verzekeren van de economische en intellectuele banden die onontbeerlijk zijn voor de ene zowel als voor de andere van die volken;

- DRINGT in dit opzicht aan opdat Europa eendrachtig weze om aldus tegelijkertijd zijn uitstraling en zijn mogelijkheden tot investeringen en tot technische medewerking te zien toenemen;

- RICHT een oproep tot de liberalen van alle landen opdat zij de volledige verantwoordelijkheid op zich zouden nemen van een vastberaden Europese politiek, met inachtneming van de internationale verdragen en van de rechten van het individu.



DE ECONOMISCHE PROBLEMEN


HET CONGRES VAN DE LIBERALE PARTIJ,

- IS VAN OORDEEL dat de ondervinding het door de Partij gestelde vertrouwen in de degelijkheid van het privaat initiatief, van de vrije onderneming, van de mededinging, van de vrije keuze van de verbruiker, van de spontaanheid van het economisch leven rechtvaardigt;

- HERINNERT aan de mislukking van het centraliserend collectivisme, bij voorbeeld in Oost-Europa, in zijn taak om het bedrijfsleven in te richten, en aan zijn onbekwaamheid om aan bevolkingen en vooral zijn werkliedenklasse, die steeds aan rantsoenering zijn onderworpen en in ellende verkeren, een behoorlijke levensstandaard te verschaffen;

- BEVESTIGT dat de Staat niet moet produceren, noch verkopen, en noch zijn eigen toezichter noch zijn eigen klant mag zijn;

- VERWERPT iedere vorm van nationalisatie, die - door geweldige productiemiddelen in handen van de overheid te stellen - een onnodige bureaucratie zou in leven roepen, de economie aan de politiek onderwerpen, de concurrentiegeest tenietdoen, de verbruiker en de kleine onderneming overleveren aan de willekeur van het gezag, de arbeider en het land zouden onderwerpen aan een paperassendictatuur;

- IS VAN OORDEEL dat de Staat tot taak heeft:
- de hoeder van de economische en sociale billijkheid te zijn;
- de zwakke tegen de sterke te beschermen; de Middenstand en de verbruiker tegen de gebeurlijke misbruiken van de economische macht;
- de veiligheid van de arbeider te verzekeren;
- de inflatie te bestrijden;
- de spaarder te beschermen;
- de nijverheids- en handelsbedrijvigheid aan te wakkeren en de rentabiliteit van de landbouw in depressieperiode te verzekeren;
- het wetenschappelijk onderzoek en de opvoering der productiviteit aan te moedigen.

- ONDERSTREEPT dat de liberalen, ten zeerste gehecht aan het regime der vrije mededinging, fundamenteel gekant zijn tegen de misbruiken van de economische macht en van de Staat, vergen dat hij de mededinging zou aanwakkeren door de grote ondernemingen te onderwerpen aan de concurrentie van de middelgrote en kleine zaken, die moeten beschikkien over ruime kredietfaciliteiten en aan wie de belastingrechtvaardigheid is gewaarborgd;

- RAADT AAN op krachtdadige wijze de Europese integratie en de verwezenlijking van de gemeenschappelijke markt verder door te voeren;

- WENST dat de Staat, om het hoofd te bieden aan een economische depressie, bij machte zou zijn op ieder ogenblik een omvangrijk programma te kunnen uitvoeren van fiscale ontlastingen, van kredietversoepeling en van uitbreiding der openbare werken;

- BRENGT IN HERINNERING dat het spaarwezen een der vestingen is van de individuele onafhankelijkheid en van de vrijheid en dat om het te beschermen de koopkracht der munt moet behouden worden, zorg dragend voor het nodige evenwicht tussen de bezoldigingen en de werkelijke opvoering der productiviteit;

- VESTIGT de aandacht op de noodzakelijkheid, voor de Staat, het wetenschappelijk onderzoek en de beroepsopleiding aan te wakkeren, de investeringen en de rationalisatie van de ondernemingen te begunstigen, de ontluiking van nieuwe initiatieven te bevorderen, het ritme der wettelijke aflossingen te verminderen, de studiŽn te steunen met het oog op de opvoering van de productiviteit in de nijverheid, de landbouw, de distributie en de openbare besturen;

- BEVESTIGT dat om zijn rol van scheidsrechter waar te nemen, de Staat aan de private ondernemingen de zorg voor het nijverheids-, landbouw- en handelsbeheer moet overlaten, en dat hij een spontaanheid en een economische vrijheid moet beschermen waaraan men de merkwaardige expansie van onze westerse wereld is verschuldigd.



DE PROBLEMEN VAN BELGISCH-CONGO


HET CONGRES VAN DE LIBERALE PARTIJ,

- BRENGT hulde aan de door BelgiŽ in Afrika gedane krachtsinspanningen en is van oordeel dat deze onverpoosd moet worden voortgezet in het gemeenschappelijk belang van Congolezen en Belgen;

- VERWERPT de tendentieuze berichten die het tot stand gebrachte werk en de toekomstige ontwikkeling van de Kolonie in gevaar brengen;

- IS VAN OORDEEL dat de economische expansie moet worden aangemoedigd en dat de evolutie van de inboorlingen in een liberale zin en in een atmosfeer van verantwoordelijkheid moet worden aangemoedigd;

- VAT als volgt de richtlijnen samen van de politiek die ze in Congo wil verdedigen;


A. ALGEMENE BEGINSELEN

1) Congo is aan BelgiŽ zijn binnenlandse vrede, zijn evolutie en zijn expansie verschuldigd. De soevereine rechten van BelgiŽ worden uitgeoefend opdat onder al de Congolezen, Blanken en Kleurlingen zonder onderscheid, een actieve solidariteit zou gedijen, ingegeven door het gemeenschappelijk belang en die tot uiting komt in de Belgisch-Congolese gemeenschap.

2) Het betaamt streng diegenen te veroordelen die in een partijdige geest naar Congo de politieke twisten van het Moederland hebben overgebracht en overbrengen en die aldus het nationaal karakter van het Belgisch werk misvormen.

3) Congo vertoont een zeer grote afwisseling van toestanden op alle gebieden. De evolutie, hoe snel zij ook weze, zal slechts dank zij een onafgebroken krachtsinspanning de gehele bevolking bereiken. Het heeft geen zin theoretische plannen voor lange termijn op te maken noch in Congo geprefabriceerde Europese stelsels toe te passen. De harmonisering tussen de locale tradities en de moderne behoeften valt te verkiezen boven een artificiŽle integratie.

4) De stoffelijke welvaart moet het middel zijn tot de verwezenlijking van de algemene vooruitgang op menselijk, sociaal, intellectueel en cultureel gebied.

5) De persoonlijke ontvoogding van de inboorlingen geldt als het na te streven doel. Zij zal niet alleen het werk zijn van de overheid, maar ook van al de Europeanen en van de betrokkenen zelf, die zich tegelijkertijd zowel moeten bewust worden van hun verantwoordelijkheden als van hun rechten.


B. PROBLEMEN VAN ALGEMEEN BESTUUR

1) De scheiding der machten moet in Congo worden ingevoerd.
2) De decentralisatie op alle administratieve gebieden geldt als een dringende noodzakelijkheid. Zij moet dadelijk worden toegepast voor de provinciŽn, om zich geleidelijk uit te breiden tot de districten en de gebieden.
3) De werking van de wetgevende macht moet worden herzien om aan de evolutie te beantwoorden. De liberalen zijn van oordeel dat de zelfstandigen vertegenwoordigd moeten zijn in al de raden en organismen die hun aanbelangen.
4) Het steeds nauwer betrekken van de inwoners van Congo bij het bestuur en het bedrijfsleven ervan moet worden doorgevoerd. De opklimming van de inboorling in de administratieve, economisch en sociale hiŽrarchie, binnen de perken van zijn werkelijke verdienste moet worden begunstigd.
5) Opdat de vertegenwoordigers der inlandse groeperingen hun verantwoordelijkheden zouden inzien, moeten zij eerst worden ingewijd in de lokale vraagstukken, opdat zij later op doelmatige wijze [mandaten] in de schoot van beraadslagende lichamen zouden kunnen vervullen.
6) De moederlandse diensten moeten beschikken over kaders van geschoold personeel.
7) De interpenetratie van de moederlandse en Afrikaanse administratieve kaders moet worden bespoedigd om inzonderheid de wederopneming in hun oorspronkelijk kader te vergemakkelijken van de personeelsleden van het gemeente-onderwijs.


C. INLANDSE POLITIEK

1. Opleiding van de elite
a) Een kleurlingenelite komt tot stand. Zij moet worden ontwikkeld. Alleen haar kwaliteit zal werkelijk de geleidelijke overgang mogelijk maken van de bevolkingen naar een betere levenswijze.
In de huidige toestand, is de boeking het eerste burgerlijk stadium van een volledige assimilatie, die onder meer voor de titularis iedere indruk van minderwaardigheid doet verdwijnen: toegang tot de kantoren, verkeer, verblijf in het ziekenhuis, voorlopige hechtenis, enzÖ
Het verlenen van de inschrijving moet geschieden met inachtneming van vooraf gestelde criteria, aangepast aan de persoonlijkheid van de inboorling.
b) De verwerving van burgerlijke rechten, voor die der politieke rechten, is een ontvoogdingsfactor. De wetgeving waarbij ze worden verleend (hervorming van de familierechten, van de persoonlijke eigendom, van de overdracht door successie) dient aangepast aan de bantoementaliteit.

2. Onderwijsvraagstukken
a) Het onderwijs van elke graad, met inbegrip van de cursussen voor volwassenen, moet worden ontwikkeld. Een genoegzame aandacht moet aan de inlandse talen worden verleend.
b) Een uitgebreid technisch onderwijs van diverse aard dringt zich ten zeerste op.
c) De ontwikkeling van het officieel onderwijs voor blanken en kleurlingen geldt als een hoofdzakelijke taak. De verschillende in Congo gevestigde missies hebben vroeger lofwaardige inspanningen gedaan, en het behoud der subsidiŽn blijft een onbetwistbare noodzakelijkheid.
d) De ontwikkeling van scholen en instituten voor sociale opleiding moet aangemoedigd worden.
e) De kwaliteit van het onderwijs in Congo moet er naar streven gelijkwaardig te zijn als in BelgiŽ, te dien einde moet het toezicht op de kwaliteit van het gesubsidieerd onderwijs doeltreffend zijn.
f) Het recht om de officiŽle scholen en de gesubsidieerde scholen te bezoeken moet hetzelfde worden voor Negers en Blanken;
g) De taak van de school bestaat er niet alleen in onderwijs te verstrekken, doch insgelijks in de opvoeding van de kinderen in burgerzin en in de moraal.
h) De inrichting in BelgiŽ van officiŽle internaten voor kinderen van kolonialen is wenselijk.

3. De inlandse vrouw
De opleiding van de inlandse vrouw en de opleiding ervan geldt als een hoofdzakelijke taak. Het aantal meisjesscholen, huishoudscholen, scholen voor verpleegsters, sociale haarden, moet worden vermenigvuldigd en moet de vrouwen hun sociale rol doen begrijpen.
In de buitengewoonrechtelijke centra is het gebruik van vrouwelijke werkkrachten aan te bevelen.

4. Culturele aangelegenheden
a) De inlandse kunst en het inlandse ambachtwezen dienen aangemoedigd daar zij de uiting zijn van esthetische en spirituele waarden.
b) De vermenigvuldiging van de culturele centra moet in de hand worden gewerkt. De cultuur in het bereik stellen van iedereen is een der hoofdeisen van het liberalisme.

5. Arbeidsregeling
a) De waardigheid van de arbeider moet steeds worden geŽerbiedigd. Zijn loon moet toereikend zijn opdat hij behoorlijk met zijn gezin zou kunnen leven en zich sociaal verheffen. Maar aan de andere kant moet de inlandse arbeider de noodzakelijkheid inzien de kwaliteit van zijn werkopbrengst te verbeteren. De oprichting van nieuwe technische scholen zal daartoe bijdragen.
b) De opklimming van de Kleurlingen tot leidende functies onderstelt de aanpassing van hun bezoldiging gesteund op hun prestaties en op hun rendement;
c) De niet-toepassing van een rassenonderscheid moet de werkelijke mogelijkheid scheppen om hun beroepsbelangen te verdedigen.
d) De beroepsverenigingen van zelfstandige arbeiders moet zich buiten elke politieke doelstelling ontwikkelen.

6. Maatschappelijke zekerheid, inlandse huisvesting en volksgezondheid
a) Een stelsel van maatschappelijke zekerheid, dat aan het liberaal solidariteitsbegrip beantwoordt is tot ontwikkeling gekomen. Verdere inspanningen moeten worden gedaan voor de veralgemening ervan en voor het waarborgen tegen de bestaansrisico's.
b) Het probleem in verband met de inlandse huisvesting moet een oplossing bekomen, gelet op het feit dat goede huisvestingsvoorwaarden een blijvende factor zijn tot ontvoogding en vooruitgang. De vrije keuze van de inboorling moet worden begunstigd.
c) De ziektebestrijding geschiedde in lofwaardige omstandigheden. De inspanningen mogen niet vertragen; zij moeten worden samengeordend, daar de medische bijstand de oprichting van nieuwe ziekenhuizen, het hygiŽnetoezicht als dwingende verplichtingen blijven gelden.

7. De toestand der mulatten
De toestand van al de mulatten moet in een menselijke zin worden geregeld. De beschikkingen van het Burgerlijk Wetboek in verband met het onderzoek naar het vaderschap moeten derwijze aan de omstandigheden worden aangepast, dat de vader verplicht wordt deelachtig te zijn in de kosten van onderhoud en opvoeding van zijn zelfs buitenechtelijke mulatkinderen.


D. ECONOMISCH THEMA

1. Onroerend regime
a) De toestand tot het grondbezit is een hoofdbestanddeel der ontvoogding der Negers. Meer vrijzinnige voorwaarden moeten worden gesteld door de verwerving ervan;
b) Sommige thans bestaande onderscheidmakingen inzake grondconsessies naar gelang het vennootschappen, missies van geestelijken, kolonisten of inboorlingen geldt moeten worden voorkomen.

2. Landbouw
De landbouw bij de inlanders, moet er onder meer zijn op gericht de volgende uitslagen te bereiken: de evenwichtige en toereikende bevoorrading der bevolkingen verzekeren; toenemende inkomsten aan de landbouwers verschaffen dank zij de productie van levensmiddelen en van exportproducten; de landbouwers ter plaatse vestigen en nieuwe economische centra oprichten om de uitwijking naar de stadscentra te bekampen; het tot stand komen van een landbouwmiddenstand in de hand werken; de vruchtbaarheid der gronden bewaren; de teeltmethoden verbeteren en de renderingen verhogen.

Te dien einde past het:
a) De inboorling aan te moedigen die zelf zijn grond wil bewerken, waarbij als voorwaarde de productiefmaking wordt gesteld, daar de productiviteit een noodzakelijkheid is.
b) de deelbouw begunstigen, waardoor de landbouwer sedentariŽr wordt en hij zich rekenschap kan geven van zijn verantwoordelijkheden.
c) samenordening van de inlandse landbouw en van de inlandse boerderijen met het blank kolonaat, vestiging van Europese hoeven en plantages met het oog op de landbouwontwikkeling in alle gewesten.
d) de staatstussenkomsten vermijden, inzonderheid wat de boerenstand betreft.
e) zorgen voor een betere inrichting van de distributie.
d) inlandse landbouw:
daar de verbetering van het voedselregime een gedurige bekommernis moet zijn, dienen de productie, de distributie en de levensmiddelenreserves verhoogd. Daartoe is het wenselijk een dienst of een organisme op te richten voor de productie van levensmiddelen. De intensieve landbouw vervangen, met behoud van de vruchtbaarheid der gronden. Aangeprezen wordt: de landbouwmiddenstand, boederijen in de vorm van coŲperatieve vennootschappen en geleidelijke afschaffing van de staatstussenkomst.


E. ECONOMISCHE POLITIEK

a) De liberalen menen dat de Belgisch-Congolese gemeenschap verstevigd zal worden door de groeiende ontwikkeling van het handelsverkeer tussen Belgisch-Afrika en het Moederland en door de verhoging van de Belgische investeringen in Congo.
De vrijheid van onderneming, het privaat initiatief, de concurrentie moeten worden gewaarborgd. De Staat heeft tot taak toezicht uit te oefenen en niet de economische functie waar te nemen.
b) Zij achten het niet als behorend tot de bevoegdheden van het bestuur zich om te vormen in aannemers van openbare werken,noch te Leopoldstad gecentraliseerde magazijnen te openen;
c) Inzake exploitatie dienen geen voorrechten noch monopolies meer worden verleend. Krachtdadig verzet moet worden gemaakt tegen ieder nationalisatie van bepaalde economische sectors.
d) De Staat moet zorgen voor het vrij verkeer van kapitalen en voor de veiligheid der investeringen; niets verzet zich tegen het aanvaarden van buitenlandse kapitalen op voorwaarde dat zij zonder politieke bijbedoeling worden geÔnvesteerd.
e) Het algemeen belang vergt dat maatregelen worden getroffen ter bestrijding van de levensduurte. Het enig indexcijfer moet vervangen worden door indexcijfers die zijn opgemaakt op grondslag van de prijzen die in de verschillende gewesten gelden.
f) De economische decentralisatie, en meer bijzonderlijk de nijverheidsdecentralisatie, moet onverpoosd worden voortgezet. Zij zal een machtige hulp bekomen door het aanwenden van nieuwe energiebronnen, waarvan de inventaris moet worden opgemaakt. De energieproductie (verwarmings-, water- en kerncentrales), bestemd voor het algemeen bedrijfsleven, moet onder het toezicht staan van de overheid.
g) De distributie der energie moet geschieden volgens algemene regelen en voorwaarden, met toepassing van tarieven die nooit een last moeten zijn die de ontwikkeling van het bedrijfsleven zou verhinderen of remmen. Het beheer van de maatschappijen voor productie en distributie bij monopolies zal worden waargenomen door verantwoordelijke raden, waarvan vertegenwoordigers van de Kolonie, van het belegd privť-kapitaal en van de verbruikers deel uitmaken.
h) De privť-sector moet worden aangemoedigd om met zijn kapitalen energie voort te brengen en te verdelen, zowel voor zijn behoeften als met een handelsdoel. Hetzelfde geldt voor het vervoer.
i) Het sparen moet in de hoogste mate worden uitgelokt en begunstigd. De kredietpolitiek moet gezond zijn, beperkt blijven tot de behoeften en gesteund op zekere waarborgen. Krediet zal mogen worden verleend aan ieder inboorling die de hoedanigheid van handelaar bezit.
j) De inlandse handel moet worden aangemoedigd; het bewijs van de hoedanigheid van handelaar moet blijken uit de inschrijving in het handelsregister, inschrijving die ondergeschikt moet worden gemaakt aan criteria inzake bevoegdheid, economische capaciteit en van moraliteit.

De Liberale Partij hecht een bijzonder belang aan de bevordering van de Afrikaanse middenstand, belangrijke factor van maatschappelijke stabiliteit. Zij zal hem beschermen tegen iedere poging tot proletarisatie, die zijn inspanning, om zich in sociaal en economisch opzicht te verheffen, slechts kan remmen.
Daar de hervormingen verband houden met de financiŽle mogelijkheden, welke afhankelijk zijn van het nationaal inkomen en van de goederenproductie, verklaart de Liberale Partij dat de opvoering van de productiviteit onontbeerlijk is om de vooropgestelde sociale vooruitgang te bereiken. Zij is de allereerste voorwaarde tot werkelijke verhoging der lonen en tot ontwikkeling van de sociale wetten. De als einddoel gestelde ontvoogding zou niet worden bereikt indien, na het volgens de Europese normen versterkt onderwijs, de inboorlingen niet mochten inzien dat zij volgens dezelfde normen moeten arbeiden en produceren.


F. IMMIGRATIE EN KOLONAAT

a) De immigratie van Belgen in Congo is een noodwendigheid, op voorwaarde dat een kwalitatieve selectie blijft bestaan;
b) De wetgeving op het bediendencontract moet worden herzien, zonder inbreuk te maken op de verworven rechten. De verplichting met verlof te gaan buiten Congo mag niet worden opgelegd;
c) De productiefmaking van de natuurlijke hulpbronnen van Congo is te danken aan de maatschappijen en aan de blank Kolonaat. Dit laatste geldt als een essentieel bestanddeel van het Afrikaanse werk;
d) Het is nodig dat de blanke kolonist en de zwarte landbouwer de grond kunnen verwerven die door hun productief wordt gemaakt;
e) Het industrieel, ambachtelijk, handels-, hotel- en kaderskolonaat moet worden ontwikkeld.


G. WEGEN EN VERVOER

De uitbreiding der wegen en de veiligheid van het vervoer zijn taken die de Staat onmiddellijk moet waarnemen; de verbinding moet worden verzekerd tussen al de gewesten van Congo op de meest voordelige wijze en genoegzaam materieel moet in dienst worden gesteld; het bestuur moet de tarieven vaststellen om, zonder onderscheidmakingen noch voorrechten, de ontwikkeling van het bedrijfsleven mogelijk te maken.


H. BESLUIT

Het Congres van de Liberale Partij doet beroep op het gezond verstand van al diegenen die deel nemen aan de Afrikaanse actie opdat zij tot de evolutie zouden bijdragen met een besliste en omzichtige kordaatheid, in een geest van verdraagzaamheid en van nationale solidariteit.



DE SOCIALE PROBLEMEN


HET CONGRES DER LIBERALE PARTIJ,

De vrijheid is te zoeken in de zekerheid.

Overwegende:
1) dat het van fundamenteel belang is het recht op arbeid, de vrijheid van syndikale inrichting en de zekerheid, met name in geval van ouderdom, ziekte, en invaliditeit aan de mensen te waarborgen,
2) dat het economische geen einddoel is op zichzelf, doch de machtigste motor voor de sociale vooruitgang,

- BEPAALT zijn houding als volgt:

SYNDIKATEN
De organisatie van arbeiders in syndikaten is een hoofdzakelijke factor van de maatschappelijke vooruitgang, onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat het recht der minderheden wordt geŽerbiedigd. De bescherming van de vrijheid van vereniging moet worden versterkt. De nationale organisatie van de liberale syndikaten moet op een voet van volstrekte gelijkheid worden gesteld met de andere twee organisaties die de arbeiders vertegenwoordigen, zowel in de openbare sector als in de privť-sector, opdat zij normaal haar sociale zending zou kunnen vervullen. Het congres der Liberale Partij beschouwt als noodzakelijkheid het tot stand komen van een statuut houdende inrichting van de rechtspersoonlijkheid der syndikale organisaties.

MAATSCHAPPELIJKE ZEKERHEID
Inzake maatschappelijke zekerheid, betaamt het:
- op een algemeen vlak, haar grondslag te blijven vestigen op het verzekeringsbegrip,
- het beginsel behouden van het pluralisme der organismen in al de sectoren van de Maatschappelijke Zekerheid,
- het financieel evenwicht van het beheer te zoeken in overeenstemming met de economische mogelijkheden der natie,
- de inningsprocedure van de R.M.Z. te wijzigen en haar voorrechten te beperken.

ZIEKTE- EN INVALIDITEITSVERZEKERING
- het liberaal, zelfstandig en sociaal karakter van het medisch beroep verkonden,
- de tussenkomsten voor kleine risico's te beperken; de vergoeding van de belangrijke risico's te verbeteren,
- legt de nadruk op de noodwendigheid, de heropgeleide invaliden bezigheid te verschaffen, zowel in de openbare sector als in de privť-sector.

BEJAARDE ARBEIDERS
- Uitzien naar de nodige maatregelen om de werkloosheid der bejaarde loon- en weddetrekkende arbeiders te bestrijden en om de in loonopzicht uit de ouderdom voortvloeiende gevolgen ten laste te leggen van de werkgevers.

PENSIOENEN
1) Het pensioen moet de ĺ van het gemiddeld loon of van de gemiddelde wedde van een loopbaan van 45 jaar bereiken. Het thans voor de bedienden geldende maximum bedrag moet worden herzien.
2) De automatische perekwatie van de pensioenen moet worden ingevoerd door gedeeltelijk toevlucht te nemen tot het omslagstelsel.
3) Het verrichten van werk door gepensionneerden uit de privťsector moet ten zelfden titel en binnen dezelfde perken worden toegelaten als geldend voor de openbare sector.

LONEN
De arbeiders moeten een billijk aandeel bekomen van de vruchten der opgevoerde technologische productiviteit, zonder onderscheidmaking, inzonderheid wegens hun al dan niet behoren tot een bepaald syndikaat.

ARBEIDSTERS
1) Alle loopbanen en alle graden in de verschillende beroepen moeten toegankelijk zijn voor de vrouwen;
2) Voor de arbeiders van beider kunne geldt het principe: voor gelijk werk, gelijk loon.

ZELFSTANDIGE ARBEIDERS
1) De beroepsorganisatie moet worden begunstigd en ontwikkeld.
2) De maatschappelijke zekerheid der zelfstandige arbeiders moet worden ingericht, hetzij door aanmoediging van individuele maatregelen, hetzij door aanneming van gezamenlijke maatregelen. De Staat moet zijn financiŽle tussenkomst met het oog op sociale behoeften op billijke wijze verdelen tussen de loontrekkende arbeiders en de zelfstandige arbeiders.
3) De kleinhandel moet worden aangemoedigd om op doeltreffende wijze zijn rol in 's lands economisch leven te vervullen. Hij moet worden geholpen door beroepsopleiding en door de vrije oprichting van aankoopcoŲperaties.
4) de erkenning van de rol der zelfstandige arbeiders ten opzichte van 's lands welvaart en het in aanmerking nemen van hun gewettigde betrachtingen op economisch en sociaal gebied gelden als fundamentele doelstellingen van de liberale actie.

GEZIN
1) geleidelijk de toeslagen voor loontrekkende en zelfstandige arbeiders gelijkschakelen;
2) spreekt de wens uit het sparen te zien aanmoedigen en inzonderheid het praenuptiaal sparen te zien begunstigen;
3) wenst een rationele politiek voor de constructie van goedkope woningen; wenst de strijd tegen de krotwoningen te zien toenemen en een politiek van goedkoop krediet te zien bevorderen, waardoor een groter aantal toegang zou bekomen tot het grondbezit;
4) legt de nadruk op de noodzakelijkheid, een substantiŽle hulp aan jonge gezinnen te verlenen;
5) vraagt de gelijkstelling van de rechten van beide echtgenoten in het huwelijk.



DE KADERSOPLEIDING


HET CONGRES DER LIBERALE PARTIJ,
Overwegende dat de tweede nijverheidsrevolutie zowel op economisch als op sociaal gebied grote veranderingen zal teweegbrengen, en dat het voor BelgiŽ onontbeerlijk is zich aan te passen aan de nieuwe noodwendigheden,

- ACHT het nodig dat ons land een werkelijk groots opgezette wetenschappelijke politiek zou voeren en in staat weze eveneens de technische kaders op te leiden, waaraan het behoefte heeft,

- SPREEKT zich uit voor het nemen van de volgende maatregelen:
1. Samenordening van de thans bij het wetenschappelijk onderzoek verspreide inspanningen, en aanwending hiervoor van middelen die beantwoorden aan het daardoor opgeleverd belang.
2. Uitwerking van een nationaal programma voor de oplossing van de inzake kernenergie gestelde vraagstukken, onder meer: centralisatie voor de universitaire opleiding der kaders; plan der voorziene behoeften aan personeel en materiaal; oprichting van test-centrales.
3. Voorbereiding van de studenten tot het toegepast wetenschappelijk onderzoek op meer rationele en doelmatige wijze.
4. Bevordering van het technisch onderwijs zo bij dag als 's avonds en voor alle graden; aanpassing aan de nieuwe vereisten, die meer soepelheid bezorgen; de jeugd tot zijn disciplines aantrekken. Het hoger technisch onderwijs bevorderen.
5. Voor de geschoolde werkman die zijn opleiding wil voltooien de half-time arbeid, gepaard met zijn gespecialiseerde studiŽn, voorzien.
6. Bestudering van de door de automatisering gestelde problemen in menselijk, economisch en sociaal opzicht, teneinde de toekomst voor te bereiden.



DE ONDERWIJSPROBLEMEN


HET CONGRES VAN DE LIBERALE PARTIJ,

- VERKLAART dat de openbare overheden tot plicht hebben, een officieel openbaar onderwijs in te richten, dat voor iedereen toegankelijk is en eenieders overtuiging eerbiedigt; dit onderwijs aan de moderne behoeften aan te passen en ruime en geschikte lokalen te zijner beschikking te stellen.
- IS VAN MENING, dat de school essentieel een opvoedingstaak moet vervullen, en dat zij geen politiek oefenterrein mag worden;

- OORDEELT dat de democratisering van de studiŽn op alle niveaus onontbeerlijk is, evenals de verlenging van de schoolplicht in het raam van een algemene hervorming van het onderwijs;

- BEPAALT als volgt de maatregelen en hervormingen waarvan het de verdediging beoogt:
1) de volledige vrijheid van de huisvader verzekeren,
2) de algemene culturele ontwikkeling nastreven: eerst de mens vormen, daarna de specialist,
3) het niveau van de middelbare studiŽn en van de humaniora's handhaven,
4) het technisch onderwijs normaliseren, teneinde, meer in het bijzonder, een gelijkheid tot stand brengen in de vereisten en structuur van dit onderwijs,
5) het middelbaar onderwijs coŲrdineren, de thans bestaande afbakening op te heffen, invoering van overgangsklassen,
6)de school- en vakoriŽntering in alle graden ontwikkelen,
7) selectie van de elites uitsluitend volgens het criterium van de persoonlijke waarde: al diegenen die ertoe bekwaam zijn, maar die niet over de financiŽle middelen beschikken, de mogelijkheid verschaffen om kosteloze studiŽn, zelfs hogere, te ondernemen; prijst te dien einde een systeem van toelagen aan, door het oprichten en financieren van en zelfstandig studiefonds, waarin voor een lening zou worden voorzien,
8) de methoden tot opleiding van het onderwijzend personeel volledig wijzigen.

- WENST dat de verwezenlijking van de principes en de grondige uitwerking van de hervormingsprogramma's aan een uit technici bestaande organisatie van de Liberale Partij zou toevertrouwd worden.


CONGRESMOTIE


De Liberale Partij:
- BETUIGT haar sympathie voor al diegenen die, in Hongarije en in Polen, strijden voor de herovering van hun vrijheid;

- VEROORDEELT het bestaan van regimes waar verdrukking en ellende heersen, die onherroepelijk de volksopstand uitlokken, die wij thans beleven.


top