www.liberaalarchief.be
LIBERAAL CONGRES, KNOKKE, 29-30 september, 1 oktober 1967
CONGRES VAN DE PARTIJ VOOR VRIJHEID EN VOORUITGANG
CONGRESRESOLUTIES


1. BELGISCHE EENHEID


Mits eerbiediging van het Pact van Luik, geconcretiseerd door het wetsvoorstel, in de Senaat ingediend door haar Nationale Voorzitter, neemt de PVV volgende resoluties aan:

1. Om de Belgische Staat te kunnen moderniseren, moet definitief een einde worden gesteld aan de twisten die de Belgen vaak op kunstmatige wijze tegenover elkaar stellen, ingevolge de demagogische actie van sommige groepen.

2. De PVV zal de regering verzoeken volmachten te vragen aan het Parlement om de oplossingen te verwezenlijken die zullen bereikt worden door de "Vaste Commissie voor de Verbetering van de Betrekkingen tussen de Belgische Taalgemeenschappen".

3. Bij gebrek aan een akkoord, onderschreven door de PVV, zal de PVV met alle wettelijke middelen verder strijden voor de verwezenlijking van het vergelijk van Luik en zij zal, indien nodig, een volksraadpleging vragen.

4. Zij verwerpt iedere federalistische oplossing voor de Belgische Staat, omdat zij ervan overtuigd is dat het federalisme het land zou leiden naar het separatisme, het economisch avontuur en de achteruitgang van zijn welvaart.
De PVV verwerpt alle immobilisme, wil een nieuwe sfeer in het land scheppen, een sfeer van solidariteit en vertrouwen in een gemeenschappelijke toekomst.

5. Bijgevolg stelt de PVV voor:
- de reorganisatie van de werking van de Staat, door een vlugge verwezenlijking van een ruime decentralisatie en een ruime deconcentratie, gericht op de gemeenten en de provincies; maatregelen die reeds uitvoerig werden voorgesteld door de PVV, op 1 juli 1967;
- een moedig beleid van hulp aan de gewesten die in moeilijkheden verkeren, om dank zij de nationale solidariteit, de harmonische ontwikkeling van het ganse land te verwezenlijken; beleid dat geconcretiseerd wordt in een wetsvoorstel dat de PVV eerlang bij het Parlement zal indienen, overeenkomstig de besluiten, getroffen door het Uitgebreid Politiek Comitť d.d. 17 juni 1967;
- rekening houdend met de omvang en de uitzonderlijke ernst van de economische en sociale problemen die zich aan sommige nijverheidsstreken stellen, de spoedige oprichting van gewestelijke kassen, geÔnspireerd aan de Amerikaanse "Tennessee Valley Autority" of de Kas van Zuid-ItaliŽ, die alle lokale energieŽn verenigen, die regeringssteun genieten en van de medewerking van de publieke en private financiŽle machten van het ganse land.

6. Het treffen van praktische maatregelen om de eenheid der Belgen te verstevigen:
- de ontwikkeling van het onderwijs in levende burgerzin, gericht op het gemeenschappelijk geloof in de lotsbestemming van BelgiŽ, in de schoot van Europa;
- de medewerking van de media voor informatie en vorming van de publieke opinie (radio, pers, televisieÖ), teneinde het wederzijds begrip tussen de gewesten van het land te verstevigen;
- de Staat moet, in zijn diensten Ė in het ganse land Ė die in betrekking komen met het publiek, voorwaarden scheppen voor een betere sfeer van verstandhouding tussen de Belgen.

De PVV moet een belangrijke rol spelen in een BelgiŽ dat gevaar loopt verdeeld te worden en verbindt er zich toe het voorbeeld van die eenheid Ė die zij van ganser harte wil Ė te geven. Daarom:
- verwerpt de PVV de idee van de oprichting van "vleugels" in de schoot van de Partij;
- verleent de PVV aan haar Nationale Voorzitter, de heer Vanaudenhove, volmachten tot aan de volgende algemene verkiezingen om Ė in het raam van hogervermelde resoluties en na raadpleging van het Permanent Bureau Ė de nodige beslissingen te treffen, in naam van de Partij, in verband met de problemen die de eenheid der Belgen aanbelangen.



2. ACTIEPROGRAMMA VAN DE PVV VOOR EEN NIEUW BELGIE


Gans de Natie voelt de noodzaak aan van een modernisering van de Staat.
Zij moet kiezen: ofwel verzinken in een immobilisme voortvloeiend uit gewoonten, ofwel resoluut de weg van de vernieuwing kiezen. Het gevaar van de scheiding tussen de Natie en de Staat wordt van dag tot dag groter. Wij mogen niet langer wachten.
Daarom heeft de PVV haar "Plan tot hervorming van de Staat" opgesteld.

De Staat hervormen betekent niet dat er gebroken dient te worden met het verleden. Het gaat er niet om alles omver te werpen, te hervormen alleen om te veranderen. Hervormen betekent verbeteren en nieuwigheden invoeren daar waar het absoluut nodig en mogelijk is.
Eerst en vooral moeten wij er naar streven een positieve verandering in de geest en de mentaliteit van de burger, de politieke mandataris en het kaderpersoneel van de administratie te brengen.
De PVV wil een actie in twee richtingen ondernemen: een actie die er toe strekt de werking van de instellingen te moderniseren en een actie die erop gericht is de passiviteit van de burgers te overwinnen.

I. De monarchie
De PVV stelt vast dat de grondwettelijke Monarchie het symbool is van de eenheid der Belgen:
- stelt voor over te gaan tot de wederinstelling van de Troonrede bij de opening van de Kamers.

II. De uitvoerende macht
Men moet aan de uitvoerende macht de middelen verschaffen om het land beter te besturen. Daarom moet:
- het aantal ministers strikt beperkt worden: 10 of 11 ministers, geplaatst aan het hoofd van grote departementen. Zij zouden bijgestaan worden door parlementssecretarissen die geen zitting hebben in de ministerraad;
- teneinde de stabiliteit van die formule te waarborgen: eens en voorgoed het organigram van de regering opgesteld worden wat belangrijke wijzigingen zou vermijden bij de vorming van iedere regering;
- de legislatuur-regering ingesteld worden om de regeringsstabiliteit te verstevigen;
- de politieke verantwoordelijkheid van de ministers door een wet geregeld worden in gevallen van opzettelijke misleiding van het Parlement en van de openbare mening.

III. De wetgevende macht
Onze voorstellen streven een dubbel doel na: de werking van de Kamers verbeteren en hun de nodige medewerking verschaffen. Daarom moet men:
- een nationale Senaat van 100 leden oprichten. Een gedeelte van de senatoren zouden voorkomen op ťťn enkele lijst per partij en gekozen worden in gans het land, de anderen zouden gekozen worden door de provincieraden op basis van de evenredige vertegenwoordiging;
- de kopstem afschaffen voor de verkiezing van beide wetgevende Kamers;
- vaker beroep doen op de wetgeving door middel van "Kaderwetten";
- de zogenaamde wetten op de "bijzondere machten" institutionaliseren doch met beperking van het aantal onderwerpen waarover zij zouden tussen komen;
- de reglementen van de Kamer wijzigen ten einde de kwaliteit van de werkzaamheden te verbeteren zowel voor wat betreft de openbare vergaderingen als in de commissies, o.a. door:

a) het aantal interpellaties in openbare zitting te beperken;
b) beroep te doen op technici voor de commissievergaderingen;
c) de verplichting een financieringsplan te voegen aan ieder voorstel van wet dat nieuwe uitgaven ten gevolge heeft;
d) extra-parlementaire organen voor politieke onderhandelingen te vervangen door gemengde parlementaire commissies;
e) het parlementair onderzoeksrecht opnieuw aan te wenden en de mogelijkheid aanbevelingen te doen aan de regering in te voeren;
f) de vervanging in het Parlement van de ministers-parlementsleden voor de duur van de uitoefening van het ministerieel ambt en de instelling van een onverenigbaarheid tussen het parlementair mandaat en bepaalde ambten, onder meer dit van burgemeester of schepen van een gemeente met meer dan 20.000 inwoners en dit van beheerder van een openbare instelling;
g) een gedeelte van de parlementaire vergoeding afhankelijk te maken van de daadwerkelijke uitoefening van het mandaat;
h) de studiediensten van het Parlement uit te breiden;
i) de inrichting van een controlestelsel voor de verkiezingsuitgaven;

- de oprichting van een grote economische en sociale raad samengesteld uit vertegenwoordigers van alle economische en sociale middens, met inbegrip van de kaders die er een bijzondere plaats zullen bekleden. Hij zal alle consultatieve organismen opslorpen en advies uitbrengen omtrent alle wetsvoorstellen van economische en sociale aard.

IV. Controle op de openbare financiŽn
Gezien de Staat tussenkomt in vele domeinen van het economisch en sociaal leven is het probleem van de openbare financiŽn van kapitaal belang geworden.
Wij stellen een reeks maatregelen voor om de controle op de uitgaven te verstevigen:
- budgettaire controle vergemakkelijken door nieuwe uitgaven meer overzichtelijk voor te stellen;
- afzonderlijke bespreking van het budget van de parastatalen;
- initiatiefrecht toekennen aan het Rekenhof en dit laatste aanvullen met twee nieuwe afdelingen: de eerste zal de financiŽle weerslag ramen van de bijzonderste wetsontwerpen; de tweede "Algemene Inspectie van de Maatschappelijke Zekerheid"; zal bij het Parlement verslag uitbrengen over de werking van de Maatschappelijke Zekerheid;
- overplaatsing van de inspecteurs van financiŽn naar het Rekenhof.

V. De administratie
Teneinde de werking van de administraties te rationaliseren en te depolitiseren stelt de P.V.V. voor:
- de oprichting van een vaste parlementaire commissie voor de controle op de efficiŽnte werking van de administratie;
- de institutionalisering van het college van de secretarissen-generaal dat door de regering verplicht zou geraadpleegd worden voor alle reglementeringen met algemene draagwijdte die het openbaar ambt aanbelangen en dat op eigen initiatief alle voorstellen kan doen die het nuttig acht voor de goede werking van de administratie;
- de depolitisering van de benoemingen en de bevordering in het openbaar ambt, de magistratuur en het onderwijs;
- de ambtenaren van de Staat, van de provincies en van de gemeenten zullen aangeworven worden in toepassing van objectieve regels die zullen worden bepaald door een Hoge Raad voor de Administratie;
- de aanwerving van het gespecialiseerd personeel en het personeel van de parastatalen toe te vertrouwen aan het Vast Wervingssecretariaat;
- de oprichting van een school voor hogere administratieve studiŽn ten einde een elitekader te vormen;
- sommige parastatale instellingen af te schaffen, samen te voegen of op te nemen in de centrale administratie;
- de herziening van het statuut van het openbaar ambt om beter de verantwoordelijkheid van de ambtenaren te bepalen;
- het stakingsrecht te reglementeren voor het openbaar ambt, de leden van de gespecialiseerde kaders en de ambtenaren waarvan de activiteit van essentieel belang is voor het economisch en sociaal leven van het land en de invoering van een verplichte verzoeningsprocedure.

VI. De verdediging van de burger
Op dit gebied stelt de PVV drie fundamentele maatregelen voor:
- stemming van een wet ter bescherming van het privťleven, die twee doelstellingen nastreeft;
- eerbiediging van het privťleven van de burgers;
- betere reglementering van de onschendbaarheid van het briefgeheim en het telefoongeheim;
- de benoeming van een commissaris van het Parlement die de klachten ontvangt van de burgers betreffende de werking van de administratie en die een onderzoek zal instellen in de gevallen waarin de rechtmatige belangen van de burgers verwaarloosd werden zonder dat zij beschikken over het recht beroep aan te tekenen bij de gewone rechterlijke macht of de Raad van State;
- oprichting van een grondwettelijke raad belast met de controle op de grondwettelijkheid van de wetten. Deze raad zou samengesteld zijn uit 12 leden, aangeduid door de Koning.

VII. Vorming van de burger
De actie voor een betere vorming van de burger moet zich in verschillende richtingen uitstrekken. Zij moet:
a) de nationale burgerzin vernieuwen:
- door het petitierecht actueel te maken;
- door de rol van de school te verstevigen in de staatsburgerlijke, sociale en culturele vorming van de jeugd door een wijziging van de programma's die ook zou rekening houden met de hervormingen die zich voltrekken binnen het kader van de gemeenschappelijke markt;
- door gelijke kansen te bieden aan iedere burger door o.a. de benoemingen en de toewijzing van sociale woningen te depolitiseren;

b) de nationale en regionale solidariteit verstevigen;
- door een gewestelijk volksaandeelhouderschap op te richten bestemd voor de financiering van de verbetering van de regionale infrastructuur en de oprichting van sociale woongelegenheden;
- door een solidariteits- en rampenfonds op te richten;
- door de periodieke inrichting van acties omtrent problemen van nationaal belang.

VIII. De rechtstreekse democratie
Het gaat er om, daar waar het mogelijk is, de dialoog in te voeren tussen bestuurders en bestuurden ten einde de controle van de publieke opinie op de eersten te verstevigen en de interesse van de laatsten aan het openbaar leven te verhogen.
Daarom moet men:
- het referendum met nationale telling instellen. Zijn inrichting geschiedt op initiatief en onder controle van het Parlement;
- een wettelijk statuut aan de politieke partijen toekennen;
- de kwaliteit van de informatie inzake objectiviteit verbeteren.



3. PUBLIEKE OPINIE


De voorlichting is een fundamentele waarborg voor de vrijheid en de democratie; tengevolge hiervan neemt het Congres volgende stellingname in:
1. Verzoekt alle partijorganen onze medeburgers op objectieve wijze te blijven voorlichten.
2. Meent dat het onmisbaar is dat de politieke voorlichting levendiger en op een voor het publiek duidelijker wijze zou gebeuren, onder meer door de veralgemening van de dialoogmethode.
3. Verzet zich tegen elke aanslag op de vrijheid van de berichtgevers, maar is van oordeel dat over de strikte objectiviteit van de informatie moet gewaakt worden, o.m. van de officiŽle voorlichting.
4. Dringt aan bij de arrondissementele partijbesturen dat zij een monografie van hun arrondissement zouden laten opmaken in de lijn van die opgesteld voor geheel het land.
5. Is van oordeel dat de partij een ethica van de daad moet uitwerken opdat ook de jeugd zou deelnemen aan de uitbouw van de maatschappij van morgen.

De praktische besluiten van de verslagen en discussies zullen, gezien hun vertrouwelijke inhoud, overhandigd worden aan het Permanent Bureau van de Partij.



top