www.liberaalarchief.be
LIBERAAL CONGRES, BRUSSEL, 21 mei 1968
BUITENGEWOON CONGRES VAN DE PARTIJ VOOR VRIJHEID EN VOORUITGANG


MOTIE I


Het Nationaal Congres, op dinsdag 21 mei bijeengekomen onder het voorzitterschap van de Heer Omer Vanaudenhove, Nationaal Voorzitter,

- stelt vast dat na de verkiezingen van 31 maart 1968 uiteenlopende meningen tot uiting kwamen in de schoot van de P.V.V.; Dat deze tegenstellingen tekenen zijn van de grote bezorgdheid van de leden van de Partij om uit de stembusuitslagen alle lessen te trekken; Dat als gevolg aan deze confrontaties, die loyaal verliepen, tussen de opinies en de verschillende reacties, Walen, Vlamingen en Brusselaars samen omtrent het essentiële van de vraagstukken die zich voor het land stellen hun gemeenschappelijke visie bevestigden, inzonderheid meet eerbiediging van de beslissingen, getroffen tijdens de PVV-Congressen.

- geeft het Permanent Bureau van de Partij opdracht alle maatregelen te nemen opdat de eenheid van de P.V.V. niet meer in het gedrang zou worden gebracht.



MOTIE II


Het Nationaal Congres van de P.V.V. op dinsdag 21 mei 1968 bijeengekomen onder het voorzitterschap van de Heer Omer Vanaudenhove, Nationaal Voorzitter:

- betreurt dat de B.S.P. tot op heden stelselmatig weigerde aan een drieledige regering deel te nemen, zelfs indien deze zou beperkt zijn in de tijd en in haar doelstellingen, niettegenstaande deze formule in de huidige omstandigheden de beste blijft om onze communautaire en taalproblemen op te lossen.

- onderstreept het ernstig gevaar dat een C.V.P.-B.S.P.-coalitie inhoudt, coalitie die door voorgaande experimenten bewezen heeft schadelijk te zijn voor de financiële, economische en sociale gezondheid van het land.

- bevestigt opnieuw zijn wil, indien beroep op hem wordt gedaan, om zijn verantwoordelijkheid op te nemen door aan de huidige formateur preciese amendementen voor te stellen die het programma van deze laatste moeten verbeteren en een nationale oplossing van de taal-, institutionele en economische problemen moet mogelijk maken.

- herinnert er daarenboven aan dat de P.V.V. bereid is een gedetailleerd programma voor te stellen dat moet toelaten het sedert 1966 ondernomen regeringswerk waarvan de heilzame gevolgen zich reeds lieten voelen op het sociale, economische en financiële vlak, verder te zetten

- beslist, indien de onderhandelingen met de C.V.P. en de B.S.P., of met de C.V.P. alleen, zouden slagen, een nieuw congres zou bijeengeroepen worden om uitspraak te doen omtrent een regeringsdeelname en omtrent een programma.



top