terug naar alfabetisch overzicht
Alphonse Carels, 1839-1914 en Georges Carels, 1873-1933

Het plotse overlijden van Gustave Carels veroorzaakte paniek. Zijn oudere broer Alphonse had kort na het overlijden van vader Charles-Louis Carels zijn bevoegdheden overgedragen aan Gustave en leidde een rustig leven. Hij was bestuurder van enkele ondernemingen en van de burgerlijke godshuizen maar maakte vooral naam als de eerste Gentenaar die een garagepoort liet steken voor zijn automobiel. De woning - de huidige woning van de provinciegouverneur op de Vlasmarkt - werd nadien weer in ere hersteld maar op enkele zeldzame foto's kan de poort (links van de huidige deur tussen de twee loggia's in) nog worden bewonderd. Net als zijn broer steunde hij de Liberale Schoolpenning en hij was in 1912 een van de financiers van het Liberaal Huis aan de Sint-Michielshelling.

atelier van Carels

In 1911 nam Alphonse Carels node het beheer van de firma over maar delegeerde het dagelijks bestuur naar de drie zonen van Gustave, Charles, Georges en Gaston. Zij misten echter de capaciteiten van Gustave. Tezelfdertijd creëerden externe omstandigheden, zoals het wereldwijd toenemend protectionisme, een ongunstige omgeving. Een uit de hand gelopen staking bracht het bedrijf in 1914 een volgende zware slag toe. Potentiële investeerders trokken zich terug en Alphonse en Charles Carels gaven hun ontslag als bestuurder. Tijdens de Eerste Wereldoorlog verlieten Georges en Gaston de stad en bij hun terugkeer in 1919 stond het bedrijf op de rand van het bankroet. In 1920 deden de broeders Carels hun aandelen van de hand en de nieuwe eigenaars, het Franse Thompson-Houston en het Amerikaanse General Electric, vormden de oude nv om in de Société d'Electricité et de Mécanique of SEM. Deze fuseerde in 1934 met oude concurrent Prosper Van den Kerchove, en burgemeester Alfred Vanderstegen werd voorzitter van de raad van bestuur van het nieuwe bedrijf. In 1961 ging SEM op in ACEC. De bijna 12 hectare grote site kwam eind twintigste eeuw grotendeels leeg te staan en maakt sindsdien deel uit van een indrukwekkend stadsontwikkelingsproject.

Georges Carels was net als zijn vader en zijn oom een actief liberaal. Hij was erevoorzitter van de Liberale Kring Heilig-Kerst en Meulestede en voor tienduizend frank aandeelhouder van het Liberaal Huis. In 1907 werd hij verkozen tot gemeenteraadslid maar diende om onbekende redenen nog voor de installatievergadering van de raad zijn ontslag in. Vijf jaar later deed hij een gooi naar een provincieraadszetel maar werd niet verkozen.

Binnen het familiebedrijf legde Georges zich vooral toe op de ontwikkeling en commercialisering van de scheepsdiesels. Als erkend specialist ter zake was hij afdelingsdirecteur op de Wereldtentoonstelling van 1913, waar hij verantwoordelijk was voor de contacten met de industriële wereld in het algemeen en voor de paviljoenen voor machinebouw in het bijzonder.

Datzelfde jaar richtte hij een filiaal op in Engeland, de Consolidated Diesel Engine-Manufacturers Ltd., om makkelijker scheepsmotoren aan de Britse zeemacht te kunnen leveren. Voor de inhuldiging ervan voer hij samen met uitvinder Rudolf Diesel vanuit Antwerpen naar Harwich. Op die trip kwam Diesel in onopgehelderde omstandigheden om het leven. Zijn lichaam werd door een Nederlands schip in zee teruggevonden maar niet geborgen, waardoor het tot op vandaag onduidelijk is hoe Diesel aan zijn einde kwam. Na de oorlog en de oprichting van SEM verhuisde Georges met zijn familie naar een kasteel in Frankrijk, waar hij in 1933 overleed.

De oudste broer van Georges, Charles Carels, speelde geen actieve rol in het bedrijf maar zette de familie wel op de mondaine kaart van de Gentse belle époque. In tegenstelling tot wat de straatnaamgeving aangeeft, was immers hij en niet zijn vader Gustave de eigenaar van het zogenaamde Carelshof in Sint-Amandsberg. Aangekocht in 1909, liet hij dit mooie kasteel renoveren en breidde het oorspronkelijke domein uit tot een van de grootste en mooiste lusthoven in het Gentse. De overname van het familiebedrijf in 1920 maakte een einde aan het verhaal. Het domein werd verkaveld en openbaar verkocht. In de jaren 1960 werd het kasteel omgebouwd tot de huidige feestzaal met restaurant.


Fragment uit: Bart D'hondt, Van Andriesschool tot Zondernaamstraat, Gids door 150 jaar liberaal leven te Gent. Een uitgave van Snoeck en Liberaal Archief, 2014, 288 p. (€ 35)

boek Van Andriesschool tot Zondernaamstraat