terug naar alfabetisch overzicht
Charles d'Hane Steenhuyse, 1787-1858

De rijke adellijke familie d'Hane Steenhuyse is in Gent het meest bekend vanwege het prachtige stadspaleis dat zij in de achttiende eeuw in de Veldstraat liet optrekken. Aan het Hotel d'Hane Steenhuyse werd gebouwd en verbouwd door vijf opeenvolgende generaties d'Hane, en de ouders van Charles ontvingen er gedurende vele jaren een internationale keur aan gasten. Charles werd er geboren op 30 april 1787 en stapte op zesentwintigjarige leeftijd in de politiek. Onder Willem I was hij lid van de Provinciale Staten van Oost-Vlaanderen (1819 tot 1821), lid van de Tweede Kamer van de Staten-Generaal (1824 tot 1825), gemeenteraadslid van Gent (1829 tot 1830) en kamerheer van de koning. Hij sloot zich in 1830 dan ook zonder aarzelen aan bij de orangisten van Hippolyte Metdepenningen. Hij was gemeenteraadslid van 1830 tot 1848, was tussen 1830 en 1836 schepen onder burgemeester Joseph Van Crombrugghe, zetelde van 1836 tot 1842 in de provincieraad en was van 1847 tot 1848 volksvertegenwoordiger.

Charles d'Hane ging de controverse zelden uit de weg. In februari 1831 kwam hij een eerste keer onder vuur te liggen omdat hij, als bevelhebber van het stedelijk vrijkorps, de poging tot staatsgreep van Ernest Gré goire niet had verhinderd. Dit kreeg vreemd genoeg geen strafrechtelijk gevolg maar zijn temperament leverde hem korte tijd later toch een veroordeling op. Tijdens een concert op de Kouter haalde hij uit naar de klerikaal Frans Vergauwen die lid was van het Comité de Sûreté Publique. Deze diende klacht in en d'Hane werd bedacht met een fikse boete.

Acht jaar later, in 1839, schoof de gemeenteraad hem naar voren als kandidaat-burgemeester ter vervanging van Jean-Baptiste Minne-Barth. Brussel gaf echter de voorkeur aan een gematigder figuur en herbenoemde Van Crombrugghe. Dit maakte van d'Hane meer dan ooit een boegbeeld van de Groot-Nederlandse beweging en toen de orangisten in 1843 de Provinciale Kiesvereniging oprichtten, werd d'Hane verkozen tot voorzitter. Door een speling van het lot was een van zijn medebestuursleden Frans Vergauwen, die tijdelijk van politiek kamp had gewisseld. D'Hane, die in 1842 ook voorzitter was geworden van de Socié té La Concorde, ging in 1848 samen met het orangisme politiek ten onder. Net zoals Charles Manilius kon hij de overstap naar de Liberale Associatie niet aan en trok hij zich volledig terug uit de actieve politiek.


Fragment uit: Bart D'hondt, Van Andriesschool tot Zondernaamstraat, Gids door 150 jaar liberaal leven te Gent. Een uitgave van Snoeck en Liberaal Archief, 2014, 288 p. (€ 35)

boek Van Andriesschool tot Zondernaamstraat