terug naar alfabetisch overzicht
Ferdinand Feyerick, 1865-1920

De familie Feyerick was vooral actief in de vlasnijverheid. Traditioneel een thuisnijverheid van het platteland, verhuisde de vlasverwerking vanaf de jaren 1830 naar de steden. In Gent zetten in 1838 La Linière Gantoise aan de Vogelenzang en La LiniŤre La Lys aan de Nieuwewandeling de toon. Zes jaar later startte Nicolas Feyerick (1826-1893), vader van Ferdinand, met een meer 'bescheiden' spinnerij aan de Sint-Pietersnieuwstraat, waar zich nu het rectoraat en het archief van de universiteit bevinden. Op de sociale ladder was de familie Feyerick minder bescheiden. Nicolas zelf was gehuwd met Esther Verhaeghe de Nayer en zijn kinderen huwden in de 'correcte' families. Ferdinand huwde met gravin Madeleine Du Monceau de Bergendael, Jacques met dochter Christine van Emile Braun, Leon met dochter Mathilde van Oswald de Kerchove de Denterghem en Maria met Georgino de Nieulandt de Pottelsberghe. Zijn vierde zoon, Albert, bleef ongehuwd.

fabriek aan kade met laadschepen

Bij het overlijden van Nicolas Feyerick in 1893 namen zijn zonen het familiebedrijf over en combineerden dit met een rist bestuursmandaten in hoofdzakelijk textielbedrijven. Hierbij was vooral de band van Ferdinand met Rusland opvallend. Vanaf 1898 was hij onder meer bestuurder van een vlasfabriek in Witebsk, waardoor hij consulaire vertegenwoordiger van Rusland in Gent werd. In 1911 bracht dit hem aan het hoofd van een internationale commissie die de modaliteiten van de vlashandel met Rusland bestudeerde.

Dichter bij huis spendeerde Ferdinand Feyerick zijn tijd ook aan beroepsgerelateerde organisaties en projecten. Hij stond mee aan de wieg van de afdeling 'vlas spinnen' aan de Nijverheidsschool, was voorzitter van de internationale federatie van vlasfabrikanten, ondervoorzitter van de Kamer van Koophandel, lid van de Nijverheids- en Arbeidsraad en promotor van de Gentse Wereldtentoonstelling van 1913. Na de wet op de arbeidsongevallen van 24 december 1903, waarbij de forfaitaire vergoeding van schade geleden door arbeidsongevallen werd ingevoerd, werden doorheen het hele land nieuwe sectorale verzekeringskassen opgericht. Feyerick vertegenwoordigde de textielindustrie en stichtte in 1905 de Gemeenschappelijke Verzekeringskas tegen Arbeidsongevallen die zich specifiek richtte tot de arbeiders uit de textielsector. Deze mutualiteit verbreedde in de daaropvolgende decennia haar werking en is sinds 1963 onder de naam Securex actief.

Daarnaast was Ferdinand Feyerick actief in tal van liberale organisaties, waaronder de liberale wijkkringen van Heuvelpoort, Rabot en Sint-Pieters. Hij financierde de liberale kruisboogschuttersvereniging Willem Tell en de Maatschappij tot Bevordering van Nijverheid en Wetenschappen, was ondervoorzitter van de Cercle Commercial et Industriel, bestuurder van La Flandre Libérale en hij engageerde zich net als zijn broers voor de verdediging van het officieel onderwijs via de Société Callier en de Liberale Schoolpenning. Samen met zijn broer Albert behoorde hij tot de stichters van het Institut Moderne. Een politiek mandaat streefde hij niet na, behoudens een eenmalige deelname aan de gemeenteraadsverkiezingen van 1907 - zonder evenwel verkozen te raken.

Stamvader Nicolas, Ferdinand, Jacques en Albert werden begraven in de familiekelder op de Westerbegraafplaats.


Fragment uit: Bart D'hondt, Van Andriesschool tot Zondernaamstraat, Gids door 150 jaar liberaal leven te Gent. Een uitgave van Snoeck en Liberaal Archief, 2014, 288 p. (€ 35)

boek Van Andriesschool tot Zondernaamstraat