terug naar alfabetisch overzicht
Jacob Heremans, 1825-1884

jacob heremans

Jacob Heremans was een selfmade man. Hij had zijn studies aan het Antwerpse atheneum niet beëindigd, maar was via zelfstudie opgeklommen van hulpbibliothecaris in de Antwerpse stadsbibliotheek tot leraar aan het Gentse atheneum en hoogleraar in de Nederlandse letterkunde aan de Gentse universiteit.

Als overtuigd flamingant en Groot-Nederlander wist Heremans zijn leerlingen te enthousiasmeren voor de Vlaamse strijd. Onder zijn pupillen bevonden zich de latere Gentse liberale voormannen Julius Vuylsteke, Paul Fredericq, Gustave Rolin-Jaequemyns en Julius De Vigne, de Lierenaar Tony Bergmann, de Gentse Bruggeling Julius Sabbe evenals het latere socialistische icoon Emile Moyson. Met de steun van zijn leraar Heremans richtte Vuylsteke in 1852 aan het atheneum het studentengenootschap 't Zal Wel Gaan op. Zelf was Heremans een actief lid van onder meer De Tael is Gansch het Volk en medestichter van de Nederlandsche Taal- en Letterkundige Congressen, die hij van 1849 tot zijn overlijden onafgebroken bijwoonde. In 1864 trad hij op als woordvoerder van de Spellingscommissie. Hij werkte mee aan een rist letterkundige tijdschriften, waaronder Het Taelverbond, De Eendragt en Nederlandsch Museum. Hij kon dan ook niet ontbreken bij de oprichting van het Willemsfonds, waar hij aanvankelijk elke bestuursfunctie weigerde maar in 1875 toch bereid werd gevonden om Rens op te volgen als voorzitter.

Gezien zijn grote invloed op de Vlaamse liberalen in Gent was Heremans ook politiek incontournable. Via het Vlaemsch Gezelschap dat hij in 1846 mee had opgericht had hij een eerste keer de aandacht getrokken van de Liberale Associatie. Hij begon zijn politieke carrière als provincieraadslid (1870 tot 1876), werd lid van het partijbestuur en kwam aan het hoofd te staan van de Vlaamsche Liberale Vereeniging. Zijn verkiezing tot gemeenteraadslid in 1875 en tot schepen in 1879 kwam dan ook niet als een verrassing. Hij kreeg het belangrijke departement onderwijs toegewezen en stelde - heel gedurfd - zijn beleidsplan, dat kaderde in de nieuwe onderwijswetten van de liberale regering van Frère-Orban, voor in het Nederlands.

In Gent, waar het stedelijk onderwijs, tegen de nationale trend in, sterker bleef dan het vrij onderwijs, zette het stadsbestuur alle zeilen bij. Negen nieuwe scholen openden hun deuren, waaronder het Instituut Charles de Kerchove in de Pollepelstraat, de Charles Andriesschool op Ekkergem en de school in de Wispelbergstraat, het huidige stedelijk atheneum. De normaalscholen voor jongens en voor meisjes werden staatsscholen en met de oprichting van de schoolcomités in 1880 werd een ernstige poging gedaan om, hoewel er nog geen leerplicht was, de ouders te stimuleren om hun kinderen naar school te sturen. Heremans profileerde zich in die jaren als een gedreven politicus met een onderwijsproject dat steunde op verdraagzaamheid, gewetensvrijheid, discipline, vaderlandsliefde en, heel belangrijk, een objectieve en degelijke kennisoverdracht. Het bisdom en het Comité der Katholieke Scholen, gesteund door de in 1876 opgerichte Katholieke Schoolpenning, zagen het uiteraard helemaal anders en voerden een niet aflatende oppositie tegen zijn 'wereldlijke scholen zonder God'. Deze tegenstand bracht Heremans, een overtuigd antiklerikaal, nooit echt in de problemen. Zijn vroegtijdig ontslag in januari 1882 was veeleer een gevolg van zijn Vlaamsgezindheid. In de gemeenteraad en vooral binnen de Liberale Associatie nam het antiflamingantisme volgens Heremans zo snel toe, dat hij alle vertrouwen in een samenwerking tussen Vlaamse beweging en liberalisme verloor. Consequent als hij was, nam hij ontslag als schepen en ook als voorzitter van het Willemsfonds.

In zijn laatste levensjaren, hij overleed in 1884, werd hij nog lid van de protestantse gemeenschap. Bij testament schonk hij zijn rijke bibliotheek aan de universiteit (waardoor hij in 1897 ook een gedenksteen kreeg op de gevel van de toenmalige universiteitsbibliotheek in de Baudelokapel aan de Ottogracht) en beval hij de verbranding van al zijn persoonlijke archieven, wat zijn weduwe helaas ook plichtsbewust deed. Heremans' graf bevindt zich op de Westerbegraafplaats. De eenvoudige arduinen zerk, identiek aan die van zijn buur en kompaan Willem Rogghé, wordt dankzij een legaat nog steeds onderhouden door de stad.


Fragment uit: Bart D'hondt, Van Andriesschool tot Zondernaamstraat, Gids door 150 jaar liberaal leven te Gent. Een uitgave van Snoeck en Liberaal Archief, 2014, 288 p. (€ 35)

boek Van Andriesschool tot Zondernaamstraat