Wenst u ook deze tweemaandelijkse nieuwsbrief in uw emailbox te ontvangen? Schrijf in door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-subscribe@liberaalarchief.be.

Print de nieuwsbrief print-versie (zonder afbeeldingen)


Voorwoord

Oktober. Het academiejaar van de universiteit en de hogescholen is opnieuw begonnen. Gent loopt weer vol studenten. Overdag, 's avonds en ook 's nachts. Op één van die tijdstippen vergaderen de besturen van de studentenverenigingen. Net zoals vroeger. Wellicht een goed moment om eens terug te blikken op enkele belangrijke publicaties die de liberale studenten de afgelopen decennia verzorgden. Het jaar 1908 herdenken we met een bijdrage over Congo en een verhaal uit de Blauwe Doos.

Wilt u deze nieuwsbrief niet meer ontvangen? Uitschrijven kan door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-unsubscribe@liberaalarchief.be.

top

Studenten aan het woord

"Slaet opten trommele" luidde de kop van het eerste nummer van het maandblad Neohumanisme dat eind 1936 verscheen als tijdschrift van het Liberaal Vlaams Studentenverbond. "Gij allen die de moed bezitten de democratie daadwerkelijk te steunen, komt, strijdt met ons", klonk de oproep van het bestuur. Met dit nieuwe blad wou het LVSV ook buiten de eigen kring strijd voeren tegen alle dictaturen, zowel van links als van rechts. Het tijdschrift was opgericht onder impuls van de toenmalige voorzitter Frans De Hondt en was meer dan louter een studentenblad. De redactie had vooral aandacht voor ideologisch sterk onderbouwde bijdragen. Albert Claes was de eerste hoofdredacteur en opende het eerste nummer met een uiteenzetting over het marxisme. In 1965 werd Neohumanisme opgevolgd door het studentikoze blad Kruimels. In 1974 kreeg het blad opnieuw de naam Neo Humanisme. Het verschijnt nog steeds.

Het Liberaal Archief bezit de volledige collectie Neohumanisme (1936-1965) en zorgde ervoor dat deze volledig online geconsulteerd kan worden. Op onze website vindt u ook een auteursregister, waaruit blijkt dat tal van liberale kopstukken aan dit blad meewerkten.

  • Klik hier voor Neohumanisme.
  • Klik hier voor het auteursregister.

Neohumanisme was uiteraard niet de eerste uitgave van de blauwe studentenwereld. Aan de Gentse universiteit werden meer dan een eeuw lang liberale studentenalmanakken gepubliceerd waarvan de rijke en gevarieerde inhoud nog steeds blijft verrassen. Daarom stelt het Liberaal Archief een overzicht van de inhoud van deze almanakken ter beschikking op zijn website. Het gaat vooreerst om de almanakken van 't Zal Wel Gaan, een Vlaams-vrijzinnige studentenkring die in 1852 opgericht werd aan het Gentse atheneum. Een van de stichters, Julius Vuylsteke, nam de kring eind 1854 mee naar de Gentse universiteit. Dat jaar publiceerde het "taalminnend genootschap" zijn eerste "jaarboeksken". In 1981 rolde de 61e almanak van de pers.
Tal van studenten die later een belangrijke maatschappelijke rol speelden, publiceerden hun eerste politieke en literaire bijdragen in dit jaarboek. Bijzonder interessant zijn de vele biografieën van (liberale) professoren en politici.

Het voorbeeld van 't Zal Wel Gaan inspireerde de Gentse Société Générale des Etudiants Libéraux in 1884 tot de uitgave van een soortgelijke almanak. De eerste editie opende met een portret van de Gentse hoogleraar François Laurent, wat meteen het militante karakter van dit initiatief duidelijk moest maken. De reeks werd voortgezet tot aan de Eerste Wereldoorlog. In het totaal kwamen er dertig edities uit. Ook deze bevatten veel leesbare "portraits" van professoren en politici.

  • Klik hier voor 't Zal Wel Gaan.
  • Klik hier voor de Almanach des Etudiants Libéraux de l'Université de Gand.

top

Julius Hoste jr. in beeld

Van de familie Hoste ontving het Liberaal Archief een tachtigtal interessante foto's van Julius Hoste jr. (1884-1954). De naam Hoste blijft vooral verbonden met de oprichting van het dagblad Het Laatste Nieuws, opgericht door vader Hoste en uitgebouwd door zijn zoon. Julius jr. speelde echter ook een belangrijke politieke rol. Zo werd hij, als extra-parlementariër, minister van Openbaar Onderwijs in de tweede regering-Van Zeeland (1936-1937) en bleef hij dit in de volgende regering-Janson (1937-1938).

Net zoals tijdens de Eerste Wereldoorlog weken Hoste jr. en zijn gezin tijdens de Tweede Wereldoorlog uit naar het buitenland. De Eerste bracht hij door in Nederland, de Tweede in Engeland. Tijdens de Eerste gaf hij, samen met volksvertegenwoordiger Frans Van Cauwelaert, het weekblad Vrij België uit. Tijdens de Tweede werd hij in februari 1942 staatsecretaris van Onderwijs in de regering die Hubert Pierlot in ballingschap gevormd had. Hoste hield over die bewogen jaren een dagboek bij (van december 1941 tot mei 1944), dat prof. dr. Harry Van Velthoven inleidde en annoteerde.

  • Klik hier voor een fotobladzijde van Julius Hoste jr.
  • Klik hier voor meer informatie over het dagboek van Julius Hoste jr.

top

Een Vlaamse Studiekring uit de Grote Oorlog

Na de Eerste Wereldoorlog heerste in ons land een sterke anti-Vlaamse stemming. Daartegen rees al snel verzet. Wat de liberalen en socialisten betrof, kwam de eerste reactie uit Brussel, schreef Maurits Basse in zijn boek De Vlaamsche Beweging van 1905 tot 1930: "Reeds op 19 december 1918 zond de Vlaamse Studiekring, waarvan August Vermeylen voorzitter was, aan de eersteminister een kernachtig vertoogschrift, waarin al het bedreven onrecht werd aangeklaagd; het waarschuwde de regering ervoor dat, indien men voortging eerlijke Vlaamsgezinden te vervolgen, daaruit voor het land verstrekkende gevolgen zouden kunnen voortvloeien".

Het Liberaal Archief bewaart het verslagboek van deze studiekring, waaruit blijkt dat deze vereniging al tijdens de oorlog opgericht werd. "30 april [1918] - 1e vergadering in Maison du Livre, 4½ u." staat er op de eerste regel te lezen. Aanwezig waren drie vertegenwoordigers van het Davidsfonds, twee heren van het Willemsfonds en één man van de Vereniging van Letterkundigen. Twee anderen, onder wie August Vermeylen, waren verontschuldigd. Het was aanvankelijk de bedoeling een reeks van een tiental spreekbeurten over bekende Belgische kunstenaars en schrijvers te organiseren. Vermeylen werd prompt tot voorzitter verkozen. Op de volgende bijeenkomst maakte men een lijst van sprekers en onderwerpen op.

Daarna lag de werking enkele maanden stil. Het derde verslag dateert van 22 oktober. Voorzitter Vermeylen kondigde aan "dat het ogenblik gekomen was om onze werking voor goed te beginnen" en riep meteen op om leden te zoeken - in het verslagboek vindt men een lijst met 55 namen. Men stelde commissies samen om statuten op te stellen en de problematiek van het lager en secundair onderwijs te bestuderen. Aan de Belgische regering zou men, bij haar terugkeer, een manifest bezorgen met de Vlaamse eisen van de Brusselse kring. Over het activisme durfde men zich nog niet uitspreken aangezien het een "kiese zaak" was.

Voor de vergadering van 29 oktober hadden de Brusselse flaminganten al contacten gehad met de uitgeweken Vlaamse leiders Frans Van Cauwelaert en Julius Hoste jr. Deze gaven de raad voorzichtig te zijn, te beginnen met een vaderlandse betoging en pas daarna over de Vlaamse eisen te spreken. Het vertoog aan de premier werd besproken op 12 november - de dag na de wapenstilstand, toen Brussel nog altijd bezet was. Aan de tekst van Vermeylen werden een hele reeks wijzigingen goedgekeurd. De discussie nam twee uur in beslag. De tekst zou men bezorgen aan de Gentse liberale schepen Camille De Bruyne met de vraag het stuk aan de regering te overhandigen. Na de troonrede van koning Albert op 22 november schreef de Studiekring een brief aan de nieuwe premier, die op 19 december in De Standaard verscheen - vandaar die datum bij Basse. Medio december bracht Vermeylen verslag uit van een onderhoud dat hij, samen met de Antwerpse socialistische volksvertegenwoordiger Camille Huysmans, gehad had met Emile Van der Velde, de socialistische minister van Justitie.

Het verslagboek loopt verder tot 18 maart 1919. Al die maanden werd er druk vergaderd en overlegd, vooral over de taalsituatie in het onderwijs.

top

Congo op cartoon en foto

Honderd jaar geleden, op 15 november 1908, werd Congo officieel een kolonie van België met de naam Belgisch-Congo. Dit was het eindpunt van een moeizame discussie tussen Leopold II, die in 1885 staatshoofd van de onafhankelijke staat Congo geworden was, en de Belgische regering. Deze operatie moest meteen een einde maken aan de toenemende internationale kritiek op het (wan)beleid van de vorst. Wel bleef deze aanspraak maken op de opbrengsten van een belangrijk gebied, het Kroondomein, maar deze regeling werd na zijn dood eind 1909 ongedaan gemaakt. Het land werd in 1960 onafhankelijk.

Congo is het onderwerp van een tentoonstelling in het Europees Cartoon Centrum van Kruishoutem, waaraan ook het Liberaal Archief meewerkte. Het ECC verzamelde meer dan 200 spotprenten die de voorbije vijftig jaar in de Belgische en Congolese pers verschenen zijn. De tentoonstelling is in het centrum in de Brugstraat te bezichtigen van 5 oktober tot 11 januari, op zondag van 10 tot 12 en van 14 tot 17 uur. Op afspraak kunnen groepen ook op andere dagen komen.

Van Congo gesproken. Wie geïnteresseerd is in de naoorlogse koloniale geschiedenis van dit land, moet zeker eens gaan neuzen in de fotocollectie-Guillaume die op het Liberaal Archief bewaard wordt. Henri Guillaume vertrok in 1939 naar Congo. Tien jaar later begon hij als fotoarchivaris bij de informatiedienst. In 1957 werd hij het hoofd van de dienst Film en Foto. Na de Congolese onafhankelijkheid keerde hij terug naar België. Zijn collectie bevat ongeveer 2.500 foto's, doorgaans van goede kwaliteit, die de verschillende aspecten van het leven in de kolonie positief belichten.

  • Klik hier voor een kennismaking met collectie-Guillaume.

top

Digitaal nieuws

Inventarissen
Het Liberaal Archief plaatste nog enkele nieuwe inventarissen op zijn website. Vooreerst gaat om een reeks stukken in verband van Julius Vuylsteke (1836-1903), de bekende voorman van de Gentse Vlaams-liberalen, zoals documenten n.a.v. de viering van zijn 25-jarig lidmaatschap van het algemeen bestuur van het Willemsfonds en een album samengesteld bij zijn overlijden. Verder kwamen de inventarissen klaar van twee afdelingen van het Willemsfonds: Boom (met een verslagboek en briefwisseling uit de jaren 1920) en Rupelmonde (onder meer twee verslagboeken uit de periode 1887-1933).
Ten slotte is de inventaris van het archief van het Geschalgenootschap Sint-Cecilia uit Hemiksem beschikbaar. Deze vereniging werd in 1836 als een neutraal muziekkorps opgericht, maar werd in 1870 liberaal toen de pastoor een concurrerende katholieke fanfare oprichtte. Vanaf 1986 kreeg Sint-Cecilia het moeilijk, in maart 2007 hield de vereniging op te bestaan.

  • Klik hier voor de inventaris van Julius Vuylsteke.
  • Klik hier voor het Willemsfonds van Boom.
  • Klik hier voor het Willemsfonds van Rupelmonde.
  • Klik hier voor Sint-Cecilia uit Hemiksem.

Archiefbank werd vzw
Met het oog op het nieuwe erfgoeddecreet werd Archiefbank Vlaanderen omgevormd tot een vzw. Daarmee krijgt de organisatie een eigen rechtspersoonlijkheid.
Archiefbank Vlaanderen werd in 2002 in opdracht van de Vlaamse overheid opgestart door de vier privaatrechtelijke archief- en documentatiecentra (ADVN, Amsab-ISG, KADOC en Liberaal Archief). Het moest een grote leemte in het Vlaamse erfgoedveld opvullen, namelijk het ontbreken van een overzicht van de privé-archieven. Op basis van de expertise aanwezig in de vier deelnemende instellingen kwam een databank tot stand die de bewaarplaats en inhoud van archiefbestanden en documentaire collecties signaleert.
Het cultureel-erfgoeddecreet van 23 mei 2008 biedt nu de mogelijkheid om dit initiatief definitief te consolideren en uit te bouwen. Daarom werd Archiefbank een vzw. Zo wil men beter de uitdagingen aan kunnen die zijn geformuleerd in het Beleidsplan Archiefbank 2009-2013.

Breng een bezoek aan Archiefbank Vlaanderen.

Liberale klassiekers
Op internet vindt men steeds meer digitale versies van oudere boeken. Dat is bijzonder handig voor wie die boeken niet in huis heeft of snel iets wil opzoeken. In ons taalgebied speelt de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren daarbij een belangrijke rol. Bijzonder interessant is dat de initiatiefnemers de definitie van "letteren" nogal ruim nemen, zodat ook belangrijke historische werken opgenomen worden. Dat is onder meer het geval voor twee klassiekers uit de liberale stal, namelijk de Schets eener geschiedenis der Vlaamsche Beweging van Paul Fredericq (1906-1909) en het vervolg erop, De Vlaamsche Beweging van 1905 tot 1930 (1930-1933), door Maurits Basse. Wie Fredericq liever op papier leest, kan in het Liberaal Archief terecht, dat voor een herdruk van dit driedelige werk zorgde. Dit kost 30 euro voor de drie delen.

  • Klik hier voor de Schets van Paul Fredericq.
  • Klik hier voor De Vlaamsche Beweging van Maurits Basse.
  • Klik hier om Schets eener geschiedenis der Vlaamsche Beweging te bestellen.

top

De Blauwe Doos
De kwestie van de Gentse Schoolsoep
of hoe een bord soep socialisten en katholieken aan de schepentafel bracht


Eind 1908 verwierp de Gentse gemeenteraad de begroting van het liberale schepencollege. Daarop namen de burgemeester en schepenen ontslag. Aanleiding was een aanslepende discussie over de bedeling van soep aan de schoolkinderen. Tot verbazing van de liberalen namen socialisten en katholieken het bestuur van de stad over. Omdat de koning het ontslag van burgemeester Braun weigerde, werd de katholieke drukker Alfons Siffer een paar jaar waarnemend burgemeester.

De invoering van het algemeen meervoudig stemrecht maakte een einde aan de absolute meerderheid die de Gentse liberalen decennialang in de Gentse gemeenteraad genoten. Na de verkiezingen van 17 november 1895 telde de raad nog dertien liberalen tegenover twaalf katholieken en veertien socialisten. Gezien haar succes eiste de socialistische fractie de vorming van een evenredig samengesteld schepencollege, maar ze had buiten de waard gerekend. De katholieken verklaarden zich immers akkoord om "vanuit de oppositie" een liberaal minderheidscollege te steunen. Emile Braun mocht Hippolyte Lippens opvolgen als burgemeester. Dit precaire evenwicht hield, met zijn ups en downs, twaalf jaar stand.

Na de gemeenteraadsverkiezingen van 20 oktober 1907 bleken de liberalen opnieuw de grootste fractie te vormen. Met hun veertien zetels waren ze net iets sterker dan de socialisten van Edward Anseele en de katholieken van Alfons Siffer. Braun sloot opnieuw een overeenkomst met de katholieken. Anseele slaagde er echter in die regeling aan het wankelen te brengen door de oude kwestie van de schoolsoep weer op de agenda van de gemeenteraad te plaatsen.

Dit socialistische voorstel om in de volkswijken gratis warme soep of een warme maaltijd aan te bieden aan de kinderen van het stedelijk onderwijs, dateerde al uit 1898 maar had nog maar weinig respons gekregen. De liberale schepenen wisten heel goed hoe gevoelig de materie lag. Bij goedkeuring van dit voorstel dreigden de katholieken hun steun aan het liberale college op te zeggen, tenzij ook de vrije scholen van deze maatregel zouden kunnen genieten. Voor de liberale onderwijsschepen Remi De Ridder was dergelijke steun aan het katholiek onderwijs evenwel onbespreekbaar, waardoor de discussie muurvast kwam te zitten.

Onderhandelingen doorheen 1908 brachten weinig zoden aan de dijk. Anseele suggereerde toen dat de kinderen van beide netten misschien samen zouden kunnen eten in enkele grote refters. De katholieken vreesden echter dat daardoor het gebed voor het eten in het gedrang zou komen. Daarom stelde de katholiek Aloïs Van de Vyvere voor beurtelings van die refters gebruik te maken. Zo lag de bal weer in het kamp van de liberalen. In hun begrotingsvoorstel 1909 schreven ze een bedrag van 5.000 frank in voor schoolsoep… in het stedelijk onderwijs. Dat konden de katholieken niet slikken: prompt keurden ze de begroting af. Daarop nam de liberale bestuursploeg ontslag. Op oudejaarsdag 1908 stelden de burgemeester en de vijf schepenen hun mandaat ter beschikking.

Desondanks maakten de liberalen zich niet meteen zorgen. Zij wisten uit ervaring dat een samengaan van katholieken en socialisten in een gemeentelijke coalitie nog in de politieke taboesfeer zat en waren ervan overtuigd dat ze alle plooien zouden kunnen gladstrijken op de eerste raadszitting van 1909. Op 6 januari kwamen de raadsleden opnieuw samen… en schreven geschiedenis. De socialisten legden andermaal hun voorstel op tafel om een evenredig samengesteld college te vormen. Tot verbijstering van velen ging de katholieke fractie daarop in. Hun gezamenlijke poging om met de liberalen een "tripartite" te vormen, mislukte echter. De liberalen kozen resoluut voor de oppositie.

Uiteindelijk bezetten katholieken en socialisten elk twee schepenzetels en lieten ze de vijfde onbezet in de hoop dat de liberalen nog zouden bijdraaien. Toen de koning het ontslag van burgemeester Braun weigerde en deze bij zijn beslissing bleef om naar de oppositiebanken te verhuizen, werd de katholiek Alfons Siffer waarnemend burgemeester.

Het jaar 1909 werd een politiek kwakkeljaar waarin iedereen halsstarrig aan zijn groot gelijk vasthield. In de loop van 1910 werd de druk op de liberalen opgevoerd. In de Commissie voor Burgerlijke Godshuizen namen katholieken en socialisten de mandaten van enkele liberale zwaargewichten over; de vijfde schepenzetel werd in april toegewezen aan de katholiek Gustave Eylenbosch. De liberalen gaven zich uiteindelijk gewonnen en halfweg 1911 gordde Braun zijn burgemeestersjerp opnieuw om. De liberaal Maurice De Weert verving schepen Aloïs Van de Vyvere, die minister werd. De eerste Gentse tripartite was een feit.

Voor de katholieken zou de vreugde echter maar van korte duur zijn. Na de perikelen rond het katholieke wetsontwerp-Schollaert inzake het lager onderwijs stonden de gemeenteraadsverkiezingen van 22 oktober 1911 opnieuw in het teken van de schoolstrijd. In diverse steden werden antiklerikale bondgenootschappen gesloten. Zo vormden ook Braun en Anseele een kartel. De Gentse katholieken kregen klappen. In de nieuwe gemeenteraad zetelden zeventien liberalen, vijftien socialisten en zeven katholieken. Braun en Anseele vormden het eerste paarse stadsbestuur.

  • Klik hier voor de tekst van het lied Van de koord in de ketel.

top


© 2008 Liberaal Archief
Kramersplein 23
B-9000 Gent
tel + 32 9 221 75 05
fax + 32 9 221 12 15
info@liberaalarchief.be
www.liberaalarchief.be