Bekijk ook de nieuwsflash van het Liberaal Archief
Wenst u ook deze tweemaandelijkse nieuwsbrief in uw emailbox te ontvangen? Schrijf in door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-subscribe@liberaalarchief.be.
Print de nieuwsbrief print-versie (zonder afbeeldingen) Bekijk de voorgaande nummers van Het Kramersplein.

Voorwoord

Het zijn weer drukke tijden: examens, vakantie boeken en straks koffers inpakken. Ook het Liberaal Archief blijft een oord van bedrijvigheid. Daar worden wel geen koffers ingepakt maar archieven. Archieven uit nieuwe schenkingen. Het Liberaal Archief mag dan al een 10 km archief bezitten, gelukkig komen daar nog alle dagen schenkingen bij die verwerkt, beschreven en herverpakt worden.
Een kleine selectie van deze nieuwe aanwinsten vindt u terug in deze nieuwsbrief.

Wilt u deze nieuwsbrief niet meer ontvangen? Uitschrijven kan door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-unsubscribe@liberaalarchief.be.

top

Nieuwe vlaggen

Vlag Liberale Voorwacht Oostende De vlaggencollectie van het Liberaal Archief groeide onlangs aan met drie exemplaren. Een van deze aanwinsten is de vlag van de Liberale Voorwacht van Oostende uit 1946. Zij maakte deel uit van de Liberale Jonge Wachten, een vroege voorloper van de huidige Jong VLD. De eerste “Jonge Wacht” werd in 1872 opgericht in Antwerpen en kende al snel navolging. Het verdedigen en verspreiden van de liberale idealen beschouwden de Jonge Wachten als hun kerntaak. Leden proefden er voor het eerst van het politieke spel, namen deel aan congressen, verspreidden informatie via affiches en traktaten en speelden een actieve rol tijdens de kiescampagnes. De galabals en diners die de Jonge Wachten organiseerden, brachten geld in het laatje dat besteed werd aan liefdadigheidsdoelen.

Aanvankelijk opereerden de afdelingen van de Jonge Wachten zelfstandig, maar al snel rees de vraag naar een nationale overkoepeling. De Annuaire Libérale uit 1907 vermeldt het bestaan van het Nationaal Verbond der Liberale Jonge Wachten (NVJW), waarbij 97 afdelingen waren aangesloten.

De Jonge Wachten kregen in 1923 een stem in de Landsraad van de Liberale Partij. Het NVJW was echter verbolgen over het geringe aantal afgevaardigden dat het slechts mocht sturen. ‘Tien afgevaardigden op zes honderd leden! Praktisch gezien is onze invloed onbeduidend!’, is te lezen in het verslag van het congres van de Jonge Wachten uit 1939.

Liberale Jonge Wacht Oostende Het Liberaal Archief bezit de verslagen van de congressen die door de Jonge Wachten tussen 1927 en 1954 georganiseerd werden. Ieder jaar verzamelden ze afwisselend in een Vlaamse of Waalse stad: zo fungeerden onder meer Dinant, Gent, Ronse en Namen als gaststad. In 1937 verzamelden de Jonge Wachten voor een Internationaal Congres in Knokke. Vanzelfsprekend ging de aandacht naar het politieke beleid, de partij en het liberale gedachtegoed, maar er was ook ruimte voor ontspanning. In 1954 bezochten de congresdeelnemers in Verviers een chocoladefabriek en de baden van Spa.

De Liberale Jonge Wachten ondergingen in 1961, net zoals de Liberale Partij, een naamswijziging. Voortaan werkte de jongerenorganisatie onder de noemer van de PVV-jongeren. In 1992 wijzigde de naam in VLD-jongeren en sinds 2000 staat de vereniging bekend als Jong VLD.

Het archief van de Liberale Jonge Wacht en van de PVV-Jongeren / VLD-Jongeren is nog verre van volledig. Elke aanvulling of tip wordt in dank aanvaard.

Naast de vlag van de Voorwacht van Oostende, mocht het Liberaal Archief ook de vlag van de Toneelmaatschappij Staden (1921) en de vlag van de Liberale damesvereniging uit Ledeberg (1932) ontvangen.

Voor de volledige inventaris van de vlaggencollectie: klik hier.

top

Beelden uit het verleden

Hippolyte Rolin en gezinEen foto van liberaal parlementslid en Gents schepen Hippolyte Rolin (1804-1883) met zijn dochter Caroline Rolin en haar nichtje, en op de volgende pagina een lieflijk kiekje van een neefje: het zijn beslist geen alledaagse beelden. De foto’s maken deel uit van de bijzonder uitgebreide collectie familiefoto’s die mevrouw Régine Brunin aan het Liberaal Archief geschonken heeft. De verzameling bevat foto’s vanaf 1870 tot aan het interbellum en biedt een schat aan iconografisch bronnenmateriaal, temeer omdat bij veel foto’s de naam van de geportretteerde vermeld staat. Wie door de acht lederen albums en de vele losse foto’s bladert, maakt kennis met telgen van bekende families uit de Gentse liberale burgerij, onder wie de families Brunin, Rolin, Van Cauwenberghe, De Cock, Varlez, Callier en d’Elhougne. De collectie bestaat uit statige portretten, visitekaartjes, aandoenlijke kinderfoto’s en foto’s van hoogdagen zoals huwelijken, familiefeesten en vakanties.

Familiefoto's Brunin

De gewoonte om zich te laten portretteren was bij de burgerij diep ingeburgerd. Wie gefortuneerd genoeg was - een bezoek van of aan de fotograaf was rond de eeuwwisseling behoorlijk prijzig - liet foto’s maken. Dikwijls werden dergelijke foto’s gebruikt als visitekaartjes (zie ook Het Kramersplein nr. 12 (juni 2008)).

top

Nieuwe inventarissen online

Reglement van inwendige orde Vrije Werkersbond Oudenaarde Het Liberaal Archief presenteert vijf nieuwe inventarissen op zijn website. Onder meer de inventaris van het archief van de Vrije Werkersbond kan met een muisklik geraadpleegd worden.

De Vrije Werkersbond werd aan het einde van de 19de eeuw in Oudenaarde opgericht als mutualiteit en werkliedenkring. Aanvankelijk kende de Bond een beperkt succes, maar op 6 december 1903 werd de vereniging nieuw leven ingeblazen om alle ‘vrijzinnige werklieden van Oudenaarde, Bevere en Leupegem’ te verenigen.
Ingrijpende veranderingen in de wetgeving (23/06/1894 en 19/03/1898), met o.m. een soepeler overheidstoezicht en subsidies voor erkende ziekenfondsen, hadden een nieuw tijdperk voor de mutualiteiten ingeluid en de Vrije Werkersbond werd op 1 mei 1904 officieel erkend.
Een van de belangrijkste initiatiefnemers en promotoren van de Vrije Werkersbond was de liberale volksvertegenwoordiger-advocaat Camille Liefmans.

Tombola Vrije Werkersbond Oudenaarde

Het hoofdkomiteit van de bond behartigde de politieke belangen, maar ook liefdadigheid en ontspanning werden hoog in het vaandel gedragen. Het propagandacomité stond in voor de ‘geestesontwikkeling’ van de leden. Via pamfletten en spotprenten werden ze zorgvuldig ingelicht over hun politieke rechten. De tombola’s, toneelvoorstellingen en concerten die het feestcomité organiseerde, zorgden voor het nodige vertier.
De afdeling ‘Werk der oude kleeren’ zamelde onder meer tweedehandskleding in en tijdens de jaarlijkse “Blauwe kerstmis” (die in Het Kramersplein, nr. 14 (december 2008) uitgebreid werd voorgesteld) bracht de Vrije Werkersbond kinderhartjes in vervoering met lekkers en een stapel cadeaus onder een rijkelijk versierde kerstboom.
Tijdens het interbellum zwakte de werking van de Vrije Werkersbond af, om na de Tweede Wereldoorlog uit te groeien tot één van de grootste plaatselijke liberale mutualiteiten van Vlaanderen. In 1979 vierde de bond zijn 75-jarig bestaan.

Kaart Vrije Werkersbond Oudenaarde


Samenwerkingsakkoord met de UGent

Over voorzorgskassen en werkmanskringen gesproken. Het Liberaal Archief sloot een samenwerkingsovereenkomst met de Universiteit Gent voor een onderzoek naar de liberale sociale verenigingen tussen 1848 en 1914.
Deze studie beoogt een beter inzicht te krijgen in de invulling van concepten als emancipatie en sociale vooruitgang. Vertrekkend van een typologie van de sociale organisaties van de liberale beweging in Vlaanderen en Brussel wordt dit lokale verenigingsleven in internationaal perspectief geplaatst. Liberale juristen en academici zoals Gustave Rolin-Jaequemyns, François Laurent, Emile de Laveleye en Louis Varlez fungeerden immers als bemiddelaars tussen het stedelijke liberale verenigingsleven en de transnationale netwerken. Onderzoek naar deze bemiddelaars kan een nieuw licht werpen op de manier waarop de sociaal-liberale ideeën zich kristalliseerden.

top

Een servies met een gouden randje

Het mag al eens iets meer zijn dan het traditionele peper- en zoutstelletje. De Vlaamse volksschrijver Hendrik Conscience (1812-1883) schonk aan Julius Hoste sr. en zijn vrouw Elisabeth Grauwels ter ere van hun trouwdag op 31 juli 1883 een meerdelig, goud omrand servies, met het opschrift “Huwelijksgeschenk van H. Conscience”. Conscience en Hoste waren medestanders in de Vlaamse ontvoogdingsstrijd.

Servies Julius Hoste

Julius Hoste sr. (1848-1933) speelde vooral een centrale rol bij de Servies Julius HosteVlaamse ontvoogding in Brussel. Sinds 1869 was hij secretaris van de Veldbloem, een Vlaamse drukkingsgroep die de Vlaamse cultuur in Brussel en omstreken wilde verspreiden via volksvoordrachten, zangavonden en een eigen bibliotheek. Later stond hij aan de wieg van verschillende Vlaamsgezinde organisaties in het Brusselse en van de KVS. Toen hij in 1888 met de liberale krant Het Laatste Nieuws van start ging, verruimde hij zijn invloed tot heel Vlaanderen.

Het Liberaal Archief kreeg het servies van Hostes kleindochter Magda Watteeuw-Hoste.

top

Hebt u nog verkiezingsmateriaal?

De verkiezingen zijn inmiddels voorbij en misschien hebt u nog verkiezingspropaganda liggen. Gooi het niet weg maar bezorg het aan het Liberaal Archief op het vertrouwde adres, Kramersplein 23, 9000 Gent.

Verkiezingen

Campagnemails of links naar verkiezingswebsites mag u doorsturen naar verkiezingen@liberaalarchief.be.

top

De Blauwe Doos
Sociaal liberalisme te Gent in 1846


Hoe oud is het “sociaal liberalisme” dat in ons land de politieke actie van de liberalen voedt?

Zonder andere origines te willen uitsluiten, staat alleszins vast dat vanaf 1846 te Gent een groep jonge universitairen (filosofen, taalkundigen, juristen, artsen, sociologen) zich François Huet gemeenschappelijk bezon over een vooruitstrevend liberaal ideeëngoed dat in de samenleving naast vrijheid ook meer rechtvaardigheid en gelijkheid wou doen heersen. Gangmaker van dit genootschap was de Franse filosoof François Huet (1814-1869) die op twintigjarige leeftijd hoogleraar aan de Gentse universiteit was geworden. De groep, die bekendstond als de Société Huet, wilde de traditie van de christelijke moraal verzoenen met de blijvende verworvenheden van de Franse revolutie. Hij legde zich vooral toe op de uitbouw van de politieke democratie (door uitbreiding van het stemrecht en een radicale scheiding van kerk en staat) en de verbetering van het lot der arbeidersbevolking (door openbaar en kosteloos lager en volwassenenonderwijs, volksopvoeding, gezondheidszorg, enz.). De Société Huet verspreidde zijn denkbeelden eerst in het maandblad La Flandre Libérale (niet te verwarren met het in 1874 gestichte gelijknamige dagblad) en vanaf 1848 in de krant De Broedermin. Voor de Société gingen sociale vooruitgang en respect voor de moedertaal immers hand in hand.

In een van zijn boeken (La science de l’esprit, deel II, p. 306) omschreef Huet dit vooruitstrevend ideeëngoed uitdrukkelijk als “sociaal liberalisme”. De Gentse burgerij - zowel de katholieke als de traditioneel-liberale - was helemaal niet gelukkig met deze gang van zaken en zette een hatelijke lastercampagne in. Huet werd evenwel, op grond van de vrijheid van mening, in bescherming genomen door de liberale minister Charles Rogier. Toen Huet in 1848 partij koos voor de Franse republikeinen ontaardde de ideeënstrijd tot een politiek conflict waarbij nu ook koning Leopold I zijn afzetting eiste. Moegestreden nam Huet in 1850 ontslag en keerde terug naar Frankrijk waar hij nog diverse wijsgerige boeken schreef.

Handboek van gezondheidsleerDe leden van de Gentse Société Huet gaven na het vertrek van hun voorman nog een krachtige uitstraling aan het sociaal liberalisme. De filosoof Gustave Callier en de taalkundige Jacob Heremans werden allebei hoogleraar te Gent en schepen van Openbaar Onderwijs. De idealen van de jong overleden Callier werden voortgezet door zijn vriend François Laurent, hoogleraar en liberaal gemeenteraadslid. Laurent zette zich in voor het volksonderwijs, het schoolsparen en de zgn. “Laurentkringen” die tot ver in de 20ste eeuw instonden voor het verdere onderricht en de ontspanning van “werkjongens en werkmeisjes”. Heremans gaf op zijn beurt de fakkel door aan zijn leerlingen Julius Vuylsteke en Paul Fredericq waardoor het sociaal liberalisme spoedig ook het Willemsfonds, ’t Zal Wel Gaan en later het Liberaal Vlaams Verbond ging bezielen. Ook Fredericqs vader, de arts Cesar Fredericq, was lid van de Société Huet. Hij werd “armendokter” in een Gentse volkswijk, sociaal-liberaal gemeenteraadslid en huwde de zus van François Huet, zodat Paul Fredericq een neef was van de Franse filosoof. Twee leden van de Société (Jean Stecher en Emile de Laveleye) werden hoogleraar aan de universiteit van Luik waar zij de denkbeelden van hun Gentse jeugd trouw bleven. Ook de jurist Paul Voituron werd schepen te Gent en stichtte in 1874 een liberale Progressistenkring die aanstuurde op allianties met de opkomende socialistische arbeidersbeweging.

top


© 2010 Liberaal Archief
Kramersplein 23
B-9000 Gent
tel + 32 9 221 75 05
fax + 32 9 221 12 15
info@liberaalarchief.be
www.liberaalarchief.be