Bekijk ook de nieuwsflash van het Liberaal Archief
Wenst u ook deze tweemaandelijkse nieuwsbrief in uw emailbox te ontvangen? Schrijf in door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-subscribe@liberaalarchief.be.
Print de nieuwsbrief print-versie (zonder afbeeldingen) Bekijk de voorgaande nummers van Het Kramersplein.

Voorwoord

Het nieuwe culturele seizoen draait inmiddels op volle toeren en bood reeds een heel gevarieerd aanbod, ook in eigen huis. Het Liberaal Archief viel tweemaal in de prijzen, er was een opmerkenswaardige schenking uit Wetteren, professor Guy Schrans schreef een nieuw boek over Gent tussen 1780 en 1842, de UGent lanceerde een website over haar verleden en erfgoed, en het STAM opende zijn deuren. De Blauwe Doos dook in de geschiedenis van een succesvolle 19de-eeuwse meisjesschool op het platteland. U leest er allemaal meer over in deze nieuwsbrief.

Wilt u deze nieuwsbrief niet meer ontvangen? Uitschrijven kan door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-unsubscribe@liberaalarchief.be.

top

Driejaarlijkse Pil - Van Gastelprijs voor Geschiedenis

Daniël Vanacker valt in de prijzen met biografie van Leo Augusteyns

In 2008 publiceerde het Liberaal Archief i.s.m. Academia Press de biografie van Leo Augusteyns (1870-1945). De Antwerpenaar Augusteyns was een man met twee carrières. Als zoon van de oprichter van het Antwerpse liberale ziekenfonds Help U zelve, was hij reeds op jonge leeftijd actief in de liberale arbeidersbeweging, en in 1906 werd hij voor de Liberale Volkspartij verkozen als volksvertegenwoordiger. Augusteyns was een overtuigd flamingant en stapte tijdens de Eerste Wereldoorlog in het activisme, waarvoor hij na de oorlog twintig maanden gevangenisstraf uitzat. Na zijn vrijlating werd hij actief bij het Vlaamse Front, maar hij verzette zich fel tegen de verrechtsing van het Vlaams-nationalisme in de jaren dertig.

Na jaren nauwgezet opzoekwerk schreef Daniël Vanacker over deze relatief onbekende figuur de lijvige, tweedelige wetenschappelijke studie Een averechtse liberaal: Leo Augusteyns en de liberale arbeidersbeweging / Van activist tot antifascist. Leo Augusteyns en het Vlaams-nationalisme. Met dit werk werd de auteur nu de laureaat van de vijfde Pil-Van Gastelprijs voor Geschiedenis, periode 2007-2009.

De allereerste Pil-Van Gastelprijs werd uitgereikt in 1998. In 1995 kreeg het Archief en Documentatiecentrum voor het Vlaams-nationalisme (ADVN) een legaat van Emiel Pil (1924-1992). Dit legaat moest worden gebruikt om het wetenschappelijk onderzoek over de Vlaamse beweging te ondersteunen en te stimuleren. Daartoe werd de driejaarlijkse Pil-Van Gastelprijs in het leven geroepen. Die is bestemd voor een oorspronkelijke en wetenschappelijke studie over een aspect van de Vlaamse beweging.
Het is bovendien niet de eerste keer dat Daniël Vanacker deze prijs te beurt valt. In 2001 was hij laureaat van de tweede Pil-Van Gastelprijs voor zijn publicatie De Frontbeweging. De Vlaamse strijd aan de IJzer (Koksijde, De Klaproos, 2000, 480 p.).

De prijs werd uitgereikt op donderdag 21 oktober om 20.30 u. in het congrescentrum De Zebrastraat te Gent.

Daniël Vanacker verzorgde voor het Liberaal Archief eveneens de uitgave van het gevangenisdagboek van Leo Augusteyns.

  • Daniël Vanacker, Een averechtse liberaal. Leo Augusteyns en de liberale arbeidersbeweging / Van activist tot antifascist. Leo Augusteyns en het Vlaams-nationalisme. Gent, Academia Press / Liberaal Archief, 2008, 2 delen, 800 p., 250 illustraties (waarvan vele in kleur), € 45 (+ € 6 verzendingskosten).
  • Daniël Vanacker (red.), Een volksvertegenwoordiger in de gevangenis. Drie teksten van Leo Augusteyns (1919-1921). Gent, Liberaal Archief, 2008, 56 p., € 7,5.
Wie nu de biografie van Leo Augusteyns bestelt, ontvangt ook gratis een exemplaar van Een volksvertegenwoordiger in de gevangenis. Om te bestellen, klik hier.

top

Herkenningsteken Erkend Cultureel Archief

Op 24 september reikte de Vlaamse overheid een herkenningsteken als Erkend Cultureel Archief uit aan 10 archiefinstellingen, waaronder het Liberaal Archief.

Reeds geruime tijd kende de Vlaamse overheid aan musea met een kwaliteitsvolle werking een kwaliteitslabel toe. Het Cultureel-Erfgoeddecreet van 2008, waaronder het Liberaal Archief valt, stelde ook voor culturele archiefinstellingen en erfgoedbibliotheken een kwaliteitslabel in. Men wil daardoor de kwaliteit van de werking van collectiebeherende cultureel-erfgoedorganisaties zichtbaar maken, bewaken en verbeteren.

Om een en ander herkenbaar te maken voor het publiek, zorgde de overheid voor speciale herkenningstekens om aan de ingang van de instelling te bevestigen (één voor de musea, één voor de archieven en één voor de erfgoedbibliotheken).
Inmiddels prijkt het op de voorgevel aan het Kramersplein.

top

200 jaar liberaal leven in Wetteren nu in het Liberaal Archief

Onlangs mocht het Liberaal Archief het archief van niet minder dan 16 liberale verenigingen uit Wetteren ophalen. Het oudste stuk, van de harmonie Les Bons Vivants, dateert van 1804. Wetteren kan dus bogen op een lange traditie van rijk liberaal leven.
De schenking bevat archieven van zowel politieke, sociale, culturele als recreatieve organisaties. Verschillende generaties van de familie De Coninck waren erin actief en uiteindelijk belandden de archieven van al die verenigingen bij de zusters Rose-Marie en Reine De Coninck, die ze koesterden en bewaarden tot ze deze onlangs overdroegen aan het Liberaal Archief.


De schenking omvat een viertal meter archiefmateriaal zoals statuten, verslagboeken, briefwisseling, kasboeken, kasverslagen, facturen, ledenlijsten en stukken betreffende activiteiten. Daarnaast bevat ze een schat aan iconografisch materiaal als vlaggen, affiches, medailles en honderden foto’s. De archieven zijn afkomstig van o.a. de Liberale Strijdersbond (1901-1949), de Liberale Jonge Wacht (1903-1931), de Maatschappij van Onderlinge Bijstand De Broederhand (1887; 1898-1964; 1990), de liberale vakbond (vooral iconografisch materiaal), de Liberale Dames- en Juffersbond “Zonder Naam, niet zonder Hart” (1926-1977), de toneelvereniging Met Tijd en Vlijt (1878-1968), de koorzangmaatschappij De Scheldezonen (1863-1874), de Vereenigde Zangvrienden (1873-1878), de harmonie Les Bons Vivants (1804-2006), de turnkring De Vriendenschaar (1923-1927) , de balpijpmaatschappijen De Onbestrijdbare (1868-1883) en De Ware Vrienden (1854-1914), de handboogmaatschappij La Concorde (1832-1869) en de ontspanningsvereniging De Vereenigde Jongelingen (1891-1945). Zij overspannen een periode van tweehonderd jaar!


Momenteel worden deze archieven geïnventariseerd. Hou dus de nieuwsbrief in de gaten, u leest binnenkort meer over deze rijke archiefaanwinst.

top

Van Wit naar Blauw
Guy Schrans


Nieuwsgierigheid. Verbeelding. Twee nuttige eigenschappen bij historisch onderzoek. Twee eigenschappen waarmee professor Guy Schrans in ruime mate bedeeld is. Nieuwsgierig naar alles wat maar geweten is over zijn favoriete periode, de overgang van de 18de naar de 19de eeuw. Verbeelding om zich voor te stellen hoe het was. En een vlotte pen om het uit te schrijven in zijn nieuwste boek, Van Wit naar Blauw. Gent tussen 1780 en 1842.
Die periode is een belangrijk scharniermoment: de overgang van het uitgeleefde ancien régime naar modernere tijden. Het was voor onze contreien een woelige tijd, met niet minder dan 9 opeenvolgende politieke regimes. De locatie van het boek is evenmin toevallig gekozen. Gent was in de tweede helft van de 18de eeuw de vijfde belangrijkste stad van het Habsburgse rijk en in de daaropvolgende jaren kan de stad omschreven worden als “karakteristieke microkosmos van het grote gebeuren, waarin vinnig en snel de innovaties van de in Parijs en Londen geschreven scenario’s werden gevolgd, besproken en gerecycleerd” (professor Walter Prevenier bij de voorstelling van het boek - voor de volledige tekst, klik hier).

Vanwaar “Van Wit naar Blauw”? Het behandelde tijdsbestek overspant een periode die begint in volle Oostenrijkse tijd, gesymboliseerd door de witte uniformen van de Oostenrijkse soldaten (‘Wit’) en eindigt in 1842, het begin van een meer dan honderd jaar durend, nagenoeg ononderbroken, liberaal bestuur in Gent (‘Blauw’).

Om een antwoord te formuleren op de vraag welke metamorfoses de stad in die periode precies onderging, verplaatst de auteur zich in de huid van een gemeenteraadslid (Guy Schrans was van 1971 en 1984 trouwens zelf Gents gemeenteraadslid). Hij kijkt met de ogen van iemand die met een scherpe, kritische blik een analyse maakt van de vele aspecten van de stad die hij bestuurt.
Op een boeiende en helder geschreven manier maken we kennis met de opeenvolgende stedelijke beleidsinstellingen (zoals de Schepenbanken van de Keure en van Ghedele, de Collatie of Brede Raad, de Municipalité, de Maire - in 1800 werd Lieven Bauwens aangesteld tot eerste Maire -, de Regentie, de gemeenteraad), met de geleidelijke ontwikkeling van een publieke opinie en prille partijvormingen, en de rol van de toenmalige Gentse pers daarbij (met o.m. De Gazette van Gend, Den Vlaemschen Indicateur, de Journal de Gand, de Messager de Gand, de Courrier de la Flandre), met de evolutie in de structuur van de stadsdiensten, waarbij o.m. gefocust wordt op financiën, stedenbouw en openbare werken, politie, brandweer, onderwijs en verlichting. Zo moesten de inwoners sinds een keizerlijk reglement van 1762 op eigen kosten instaan voor de openbare verlichting en werd dit pas in 1802 een bevoegdheid voor het stadsbestuur. Ook onderwijs behoorde pas vanaf de Franse tijd tot de stedelijke bevoegdheden.
Op economisch vlak lezen we o.m. over de teloorgang van de ambachtsgilden, het belang van de handel, de bloei van de tuinbouw en de opkomst van de industriële economie en de ermee gepaard gaande milieuvervuiling. Maar er wordt eveneens aandacht besteed aan de keerzijde van die medaille: het lot van de arbeidersbevolking (met aandacht voor loon, levensduurte, werkloosheid, huisvesting, eerste pogingen tot arbeidersacties) en de diverse instellingen voor sociale bijstand.
Er wordt ingegaan op de rol van de godsdienst in de maatschappij, het gebruik van het Nederlands en de verfransing, het belang van de boekdrukkers, de betekenis van literatuur, wetenschap en geneeskunde, de werking van de in 1751 opgerichte Akademie van Teeken-, Schilder- en Bouwkunden (de huidige KASK), en op de evolutie van opera en toneel. Tijdens de jaren 1820-1830, een topperiode van de opera, werden er jaarlijks gemiddeld maar liefst 85 verschillende opera’s en evenveel toneelstukken opgevoerd. De burgerij kon voor zijn ontspanning terecht in tientallen verenigingen voor rederijkers, schutters, muziek, toneel, literatuur, schermers, enz., terwijl de ontspanning van de arbeiders vooral geconcentreerd was bij het middagmaal op zondag, met als nagerecht “nen heetekoek mee nen lotsuure”, de diverse jaarlijkse kermissen, carnaval en het beoefenen van volksspelen.
We krijgen een overzicht van de talrijke rechtbanken van het ancien régime, en de hervormingen van het gerecht in de Franse tijd, die nog grotendeels nog steeds voortleven in het huidige rechtssysteem.
Het boek sluit af met een repertorium met basisinformatie over de personen die in de tekst worden genoemd, zoals jaar van geboorte en overlijden, functie, beroep, eventuele (familie)banden met andere vermelde personen.

Guy Schrans, Van Wit naar Blauw. Gent tussen 1780 en 1842, Gent, Uitgeverij Snoeck / Liberaal Archief, 2010, 256 p.
Het boek kost € 24 (+ € 3,5 verzendingskosten) en u kan het hier bestellen.

top

UGentMemorie

80 jaar geleden werd, na een lange en moeizame strijd, de Gentse universiteit vernederlandst. Deze gedenkwaardige verjaardag kan niet geruisloos voorbijgaan en bij de viering wordt natuurlijk August Vermeylen, de eerste rector van die vernederlandste universiteit, in de kijker geplaatst.
Bij de opening van het August Vermeylenjaar werd de website UGentMemorie, het nieuwe virtuele geheugen van de universiteit, gelanceerd. UGentMemorie wil herinneringen, geschiedenissen en erfgoed van de universiteit bij elkaar brengen. Rode draad doorheen UGentMemorie wordt de impact van stad, maatschappij en wetenschap op de universiteit en vice versa. Geregeld zullen onderwerpen worden uitgediept in dossiers, de tentoonstellingen van dit virtuele museum. Het eerste dossier is volledig gewijd aan August Vermeylen.

De website is geen kant-en-klaar product, maar een dynamisch platform over de universiteitsgeschiedenis en het academisch erfgoed. Via drie toegangen - plaatsen, personen en gebeurtenissen - wil men actief op zoek gaan naar herinneringen en getuigenissen via o.m. interviews en studentenoefeningen. Tegelijk ging ook de website UGentMemorialis van start. Deze site is een gemoderniseerde en gedigitaliseerde versie van het Liber Memorialis van de universiteit uit 1913 en het Liber Memorialis uit 1960, en bevat informatie over 607 Gentse professoren die tussen 1817 en 1960 aan de universiteit les gaven. Tal van professoren zoals Johann Thorbecke (1798-1872), François Laurent (1810-1887), Gustave Callier (1819-1863), Jacob Heremans (1825-1884), Auguste Wagener (1829-1896), Paul Fredericq (1850-1920), Julius Mac Leod (1857-1919), Hans Van Werveke (1898-1974), Laurent Merchiers (1904-1986), Adriaan Verhulst (1929-2002), zijn ook binnen de liberale beweging vertrouwde namen.

Deze initiatieven kwamen tot stand door de Vakgroep Geschiedenis en het Instituut voor Publieksgeschiedenis, met als promotoren prof. dr. Christophe Verbruggen en prof. dr. Gita Deneckere.

top

Blauw Licht

Proficiat aan het STAM! Op 8, 9 en 10 oktober werd het lang verwachte Stadsmuseum op feestelijke wijze en onder massale belangstelling geopend. Het prachtige nieuwe museum vertelt het verhaal van de Stad Gent, chronologisch opgebouwd maar met aandacht voor zijn verschillende gelaagdheden die in de loop der geschiedenis tot uiting kwamen. Om het volledige verhaal te illustreren werd niet alleen geput uit de kerncollectie van het STAM/Bijlokemuseum, maar eveneens uit de collecties van de talrijke Gentse musea en archieven, waaronder het Liberaal Archief.

Naast het vast circuit focust het STAM ook op tijdelijke tentoonstellingen die telkens een ander aspect van de stedelijkheid belichten. Momenteel loopt Belichte stad. Over dag, licht en nacht, over de rol en het belang van licht en donker in het vroegere en hedendaagse stadsleven. Een van de aandachtspunten daarin is de lichtsymboliek in de socialistische beweging.

Ook in de liberale iconografie zijn minstens even talrijke afbeeldingen van “lichtbronnen” terug te vinden. Fakkels of toortsen en de rijzende zon spannen daarbij de kroon, maar ook sterren - al dan niet met stralenbundel -, de maan, vuurkorven, olielampen en stralenkransen komen veelvuldig voor op affiches, boekcovers, diploma’s, medailles en vooral vlaggen. Voor voorbeelden van dit beeldmateriaal, klik hier.

top

De Blauwe Doos
Een succesvolle meisjesschool op het platteland


Standbeelden, gedenkplaten en andere monumenten ter herinnering aan vrouwen zijn niet echt breed gezaaid, laat staan over liberale vrouwen. En toch ...

Stephanie Lippens (1823-1906) groeide op in het landelijke Moerbeke, op de grens tussen Oost- en Zeeuws-Vlaanderen. Deze gemeente zat sinds eind 18e eeuw economisch aan de grond en door haar ligging aan de Nederlandse grens nam de verpaupering na de onafhankelijkheid in 1830 nog verder toe. De gefortuneerde familie Lippens, die in de hele regio actief was, zorgde in de jaren 1840 voor een ommekeer. Auguste Lippens, de broer van Stephanie, ging in de politiek en werd in 1847 de eerste liberale burgemeester van Moerbeke. Dit was het begin van een blauwe traditie die tot op heden ononderbroken doorloopt. In die rij van liberale burgemeesters bevond zich onder meer Hippolyte de Kerchove d'Exaerde, de echtgenoot van Stephanie Lippens, telg uit die andere vooraanstaande Oost-Vlaamse familie en burgervader van 1896 tot 1905.

Reeds enkele jaren voor die politieke machtsovername, in 1844, richtte Stephanie een vrije school voor meisjes op en nam als directrice het dagelijks bestuur persoonlijk in handen. De leerlingen kregen een opleiding tot kantwerkster en genoten in de resterende tijd lager onderwijs. Na korte tijd werd ook een kleuterschool en een vierde graad opgericht en werd de kantwerkschool omgevormd tot een algemene huishoudschool. De opleiding 'snit-en-naad' domineerde en werd aangevuld met een voor die tijd uitgebreid taalonderwijs. De afgestudeerden konden zich ook in het Frans en Engels of Duits behelpen waardoor hun kansen op de arbeidsmarkt aanzienlijk groter werden. Het initiatief was een voltreffer. Begonnen met tien leerlingen in 1844, telde de school bij het overlijden van Stephanie in 1906 niet minder dan driehonderdtwintig voltijdse leerlingen naast een onbekend aantal jongeren en volwassenen die er avondonderwijs (in hoofdzaak Frans en Engels) volgden.
De school had van bij de start een duidelijk liberaal profiel en veroorzaakte een lokale schoolstrijd die gedurende twintig jaar voor commotie zou zorgen. De Moerbeekse katholieken voerden onder leiding van de parochiepriester, die tussen 1856 en 1864 zelfs weigerde er godsdienstonderwijs te geven, een hardnekkige campagne tegen het liberale schoolbestuur. In 1866 kwam een einde aan deze strijd nadat de Gentse bisschop Hendrik-Frans Bracq in een brief ruiterlijk erkende dat de school, hoewel liberaal, tot voorbeeld voor velen kon dienen. In juni 1867 onderschreef de prestigieuze Franse Société d'Encouragement Au Bien dit oordeel en verleende Stephanie Lippens een erediploma met zilveren medaille.


Stephanie Lippens overleed in 1906. Vijf jaar later werd op de ‘groote plaats’ van Moerbeke een plechtige herdenking georganiseerd. Burgemeester Maurice Lippens onthulde er een standbeeld van de hand van de Gentse beeldhouwer Hippolyte Leroy en een 750-koppig koor bracht een gelegenheidscantate ten gehore, waarna een groot volksfeest volgde. Vandaag siert het beeld een hoekje van de tuin van het kasteel - het huidige gemeentehuis - dat Stephanie Lippens in 1879 samen met haar broers had laten optrekken. Het monument is door slechts weinigen gekend, maar dit geldt ongetwijfeld niet enkel voor het beeld van Stephanie Lippens.

Het Liberaal Archief wil graag een overzicht opmaken van standbeelden, gedenkplaten, grafmonumenten en andere publiek toegankelijke memorabilia van liberale signatuur en doet daarom deze oproep:

Kent u in uw gemeente, of elders, een standbeeld, gedenkplaat, grafmonument of gedenkwaardigheid van een liberale vrouw, laat het ons weten via info@liberaalarchief.be. Een foto erbij is ook steeds welkom. En aangezien wij vanzelfsprekend tegen discriminatie zijn, ontvangen wij met plezier gelijkaardige informatie over liberale mannen.
Misschien zijn we 'rijker' dan gedacht en hebben meer gemeenten wel ergens een stukje 'blauw monumentaal erfgoed' ...

top


© 2010 Liberaal Archief
Kramersplein 23
B-9000 Gent
tel + 32 9 221 75 05
fax + 32 9 221 12 15
info@liberaalarchief.be
www.liberaalarchief.be