Wenst u ook deze tweemaandelijkse nieuwsbrief in uw emailbox te ontvangen? Schrijf in door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-subscribe@liberaalarchief.be.
Bekijk de voorgaande nummers van Het Kramersplein en de nieuwsflash.

Voorwoord

In deze nieuwsbrief hebben we aandacht voor twee interessante archieven die het Liberaal Archief in zijn bezit kreeg, dat van eregouverneur André Denys en dat van televisiepionier Omer Grawet. Verder bespreken we twee nieuwe publicaties: Un Tour du Monde van Lucien Brunin en de bibliografie van Charles Potvin door Christoph De Spiegeleer. In de Blauwe Doos staan we stil bij de figuur van Emilie Speth, en ten slotte vragen we om nu alvast 29 juni te noteren in uw agenda, want dan houdt het Liberaal Archief open deur.

Wilt u deze nieuwsbrief niet meer ontvangen? Uitschrijven kan door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-unsubscribe@liberaalarchief.be.

top

Eregouverneur André Denys schenkt zijn archief

Rit van de gouverneur met Patrick Dewael, 2006 De Oost-Vlaamse eregouverneur André Denys heeft dit voorjaar zijn archief geschonken aan het Liberaal Archief. Dat archief bestaat uit twee grote delen, enerzijds het archief uit zijn gouverneursperiode, anderzijds zijn politiek archief.

Op 1 december 2004 werd Denys gouverneur van Oost-Vlaanderen, als opvolger van Herman Balthazar. Hij ging eind januari 2013 met pensioen en werd opgevolgd door Jan Briers.

André Denys heeft onder andere een uitgebreid fotoarchief van zijn achtjarig gouverneurschap aangelegd. Hij organiseerde tijdens zijn ambtstermijn een heuse “Ronde van Oost-Vlaanderen” (de naam is uiteraard niet toevallig gekozen, maar een knipoog naar zijn grote hobby: de wielersport) en bracht samen met de deputatie een bezoek aan alle 65 steden en gemeenten van “zijn” provincie, wat uiteraard heel wat interessant fotomateriaal heeft opgeleverd. Daarnaast heeft Denys ook zeer gedisciplineerd een aantal persknipsels die over hem verschenen, bijgehouden en chronologisch geordend.

André Denys had vóór zijn gouverneurschap een rijk gevulde politieke loopbaan. Hij werd in 1981 verkozen tot lid van de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Als Kamerlid werd hij toen ook automatisch lid van de Vlaamse Raad, waar hij in 1985 fractieleider voor de PVV werd. In 1995, bij de eerste rechtstreekse verkiezingen voor het Vlaams Parlement, stelde Denys zich enkel nog hiervoor kandidaat. Hij bleef Vlaams volksvertegenwoordiger tot in 2004 en fractieleider tot in 1999. Gedurende zijn hele politieke carrière (van 1977 tot 2004) was André Denys ook gemeenteraadslid in Zulte.

Portret André Denys

Zijn politiek archief bevat tussenkomsten uit het Vlaams Parlement, verslagen van fractievergaderingen, verslagen van het VLD-partijbestuur en stukken uit de gemeenteraad van Zulte.

top

Televisiepionier Omer Grawet (1922 - 2004)

Wie kent Omer Grawet nog? De jonge generatie televisiekijkers niet meer, maar begin jaren 1950, toen de televisie in Vlaanderen nog in de kinderschoenen stond, was hij er al bij, als een van de eerste Vlaamse televisiejournalisten. Het Liberaal Archief kwam onlangs in het bezit van zijn fotoarchief en bibliotheek.

Tony Corsari en Omer Grawet

Omer Grawet begon zijn loopbaan als journalist bij de krant Het Laatste Nieuws, onmiddellijk na de Tweede Wereldoorlog. In 1953 stapte hij over naar het Nationaal Instituut voor de Radio Omroep (NIR), dat hetzelfde jaar van start wilde gaan met televisie-uitzendingen in Vlaanderen en daarom volop personeel aanwierf. De eerste uitzending ging op 31 oktober 1953 de ether in, vanuit het Flageygebouw in Elsene.

Grawet werd een bekende televisiejournalist en een BV avant la lettre. Eind jaren 1950 werd hij verslaggever in Belgisch Congo. In die hoedanigheid was hij een bevoorrechte getuige van de Congolese onafhankelijkheid en de woelige politieke periode die daarop volgde. Hij werd al vlug beschouwd als de Congospecialist van de nationale omroep. In zijn bibliotheek zijn dan ook heel wat boeken te vinden over het Belgisch koloniaal verleden en de Congolese samenleving na de onafhankelijkheid en ten tijde van het Mobuturegime.

Omer Grawet interviewt de jonge Congolese machthebbers

In 1960 veranderde het NIR van naam en werd BRT (Belgische Radio en Televisie). Van 1966 tot 1968 zegde Grawet de televisie eventjes vaarwel om woordvoerder te worden van Frans Grootjans, toen minister van Nationale Opvoeding. Hij keerde daarna nog eventjes terug naar de BRT, maar verliet de nationale omroep definitief in 1970. Hij werd hoofdredacteur van de regionale redactie van Het Laatste Nieuws en bleef dat tot aan zijn pensioen in 1987.

Het archief van Omer Grawet bevat veel fotomateriaal uit zijn televisiecarrière en ook een aantal documenten van de Vlaamse Geschillenraad voor Radio en Televisie, waarvan Grawet in 1996 lid en in 2000 voorzitter werd. Deze geschillenraad waakte over de journalistieke deontologie in de Vlaamse audiovisuele media, en werd in 2006 vervangen door de VRM (de Vlaamse Regulator voor de Media).

top

Een reis rond de wereld 1929 – 1930

In de Blauwe Zaal van het Liberaal Archief loopt tot 21 juni de tentoonstelling Een reis rond de wereld 1929-1930 met reisfoto’s van twee Gentenaren, Louis Varlez en Lucien Brunin.

Lucien Brunin (1904-1988) was een Gentse jongeman, pas afgestudeerd als jurist, die in januari 1929 het unieke aanbod kreeg om zijn neef, de internationaal vermaarde Gentse professor Louis Varlez (1868-1930), te vergezellen op wereldreis. Louis Varlez ging in het Japanse Kyoto deelnemen aan een conferentie over internationale migratie, en maakte van die gelegenheid gebruik om een wereldreis te maken die uiteindelijk tien maanden zou duren. Op doktersadvies en op vraag van de familie reisde de 61-jarige man niet alleen, maar liet hij zich vergezellen door een “secretaris”, de 25-jarige Lucien Brunin die vol enthousiasme op dit aanbod inging.

De reis liep van juli 1929 tot april 1930 en ging via Canada en de Verenigde Staten naar het Verre Oosten, waar ze Japan, Korea, China, Indochina, Indonesië en India aandeden.

Lucien Brunin aan de bus die hen van Canada naar New York brengt

Brunin nam in Azië honderden foto’s van de lokale bevolking, de tempels, de rituelen en gebruiken, waarvan nu in het Liberaal Archief een uitgebreide selectie te zien is. De foto’s tonen een nu bijna verdwenen wereld. Het Aziatische continent stond in 1929 aan de vooravond van grote sociale en politieke omwentelingen en was nog grotendeels ongerept. Grote delen van Azië werden toen gekoloniseerd door de Westerse mogendheden. Korea werd dan weer bezet door Japan. Maar de bevolking lijkt zich op de foto’s van Brunin weinig aan te trekken van het grote internationale schaakspel dat zich boven haar hoofd afspeelt, en doet ongestoord verder met haar dagelijkse bezigheden en eeuwenoude rituelen.

Brunin hield ook een reisdagboek bij. Dankzij dit boek kunnen we de reis reconstrueren. Het boek Un Tour du Monde is uitgegeven door het Liberaal Archief en Academia Press, en is op dinsdag 16 april onder grote belangstelling voorgesteld door prof. dr. Walter Prevenier en mevrouw Régine Brunin, dochter van de wereldreiziger.

Boekvoorstelling Un Tour du Monde

Een reis rond de wereld loopt tot 21 juni in de Blauwe Zaal van het Liberaal Archief en is vrij te bezoeken, elke werkdag van 9 tot 12 uur en van 13 tot 17 uur.

Klik hier voor een selectie van de tentoongestelde foto’s.
Klik hier voor de toespraak van prof. dr. Walter Prevenier.
Klik hier om de toespraak van Régine Brunin te beluisteren.
Klik hier om het boek te bestellen. Het kost € 25 (+ € 4 verzendkosten).

top

Bibliografie Charles Potvin

Charles Potvin Bij zijn onderzoek naar de liberale filosoof en schrijver Charles Potvin (1818-1902), stelde Christoph De Spiegeleer vast dat Potvin gedurende zijn loopbaan een indrukwekkend oeuvre bijeen geschreven heeft. Dit leidde, na de publicatie van de biografie Een blauwe progressist. Charles Potvin (1818-1902) en het liberaal-sociale denken van zijn generatie, tot een tweede luik van het onderzoek: de samenstelling van de bibliografie van Charles Potvin, die onlangs van de persen rolde.

Wie zich een beeld wil vormen van de Brusselse liberale, progressistische kringen in de tweede helft van de negentiende eeuw, kan niet om de figuur van Charles Potvin heen. Hij was opgegroeid in een burgerlijk katholiek milieu en studeerde rechten aan de Leuvense universiteit, maar verliet uiteindelijk Leuven voor de ULB, waar hij meer vrijheid en gelijkgestemde zielen vond, en zich al gauw integreerde in progressistische groepen. Hij ontpopte zich tot een notoir vrijdenker en leunde aan bij de progressieve vleugel van de Liberale Partij, hoewel hijzelf geen enkele politieke ambitie had.

Charles Potvin was een zeer veelzijdig man en niet in één hokje te plaatsen: hij was onder meer belgicist, republikein, feminist, antiklerikaal, transnationalist, hij was een voorstander van grondige onderwijshervormingen en sympathiseerde met de Vlaamse en met de sociale beweging.

Als journalist en criticus speelde Charles Potvin een belangrijke rol in de radicale, democratische en republikeinse pers. Zo was hij medestichter van La Belgique Démocratique en werd hij redactielid - en later directeur en mede-eigenaar - van La Nation, dat snel uitgroeide tot het belangrijkste republikeinse burgerlijk persorgaan. In 1854 werd Potvin een van de medewerkers van de Revue Trimestrielle (1854-1868) en in 1869 was hij medeoprichter van de Revue de Belgique (1869-1914) de opvolger van de Revue Trimestrielle. Beide bladen waren toonaangevende literair-politieke discussiefora.

Daarnaast schreef hij bijdragen voor diverse andere bladen, en was hij actief als dichter, toneelschrijver, historicus, literatuurkenner en vertaler.

Het oplijsten van de vele honderden publicaties was geen sinecure, niet het minst omdat een deel van de artikels anoniem gepubliceerd waren. Op basis van eigen onderzoek en bestaande bibliografieën bracht Christoph De Spiegeleer meer dan zevenhonderd titels van het zeer verscheiden oeuvre van Charles Potvin samen. De titels werden thematisch gerangschikt en ook per periodiek. Wie zich wil verdiepen in de geschriften en ideeën van Potvin, heeft met deze bibliografie een overzichtelijk werkinstrument ter beschikking.

Klik hier om de bibliografie te raadplegen.
Klik hier om een exemplaar te bestellen. Het boek kost € 7,5 (+ € 2,5 verzendkosten).
Klik hier voor meer uitleg over het boek Een blauwe progressist. Charles Potvin (1818-1902) en het liberaal-sociale denken van zijn generatie.

top

Noteer alvast 29 juni in uw agenda!

De restauratiewerken aan de gevels van het Liberaal Archief zijn sinds enkele weken van start gegaan. De gevels worden gezandstraald en opnieuw geschilderd en krijgen ook een anti-graffitibehandeling. Bezoekers van het Liberaal Archief zullen de volgende weken hinder ondervinden, waarvoor onze excuses, maar eind juni moet alles klaar zijn en herrijst het volledig opgeknapte oude schoolgebouw op het vorig jaar eveneens gerenoveerde Kramersplein.

Gevelwerken Liberaal Archief

In 2012 was het Liberaal Archief dertig jaar jong, maar wegens de werken aan het plein en de geplande gevelrenovatie werd gewacht om dit te vieren. Dit jaar organiseert het Liberaal Archief dan ook het feest 30 + 1, op zaterdag 29 juni.

Noteer deze datum nu alvast in uw agenda!

top

De Blauwe Doos: Emilie Pecher-Speth (1891-1945)

Emilie Speth werd geboren te Antwerpen op 30 december 1891. Haar vader Frederic was een van de belangrijkste reders in het vooroorlogse Antwerpen. Over haar jeugd is weinig bekend. Ze groeide op in het landhuis van de familie in Kapellen, waar ze in oktober 1912 huwde met Edouard Pecher (1885 – 1926), telg uit een vooraanstaande Antwerpse liberale familie. Haar man, die net voor zijn huwelijk tot volksvertegenwoordiger was verkozen, zou in de daaropvolgende veertien jaar een onwaarschijnlijk goed gevulde politieke loopbaan uitbouwen: voorzitter van de Verenigde Liberalen van Antwerpen, nationaal voorzitter van de Liberale Partij van 1924 tot 1926, eerste voorzitter van de Nationale Bond der Vrije Mutualiteitsfederaties van België, en minister van Koloniën van november 1926 tot nauwelijks een maand later, toen hij totaal onverwachts overleed aan de gevolgen van een longvliesontsteking en Emilie op 35-jarige leeftijd weduwe werd.

Emilie Speth

Ook Emilie engageerde zich volop in de liberale beweging, maar trad pas na de dood van haar man echt op de voorgrond. Ze maakte kennis met de eerste generatie politiek actieve liberale vrouwen zoals Marthe Boël, Jane Brigode, Hélène Goblet d’Alviella, Georgette Ciselet en Alice Buysse, die in 1923 de Nationale Federatie van Liberale Vrouwen (NFLV) hadden opgericht. Emilie sloot zich aan bij de eerste bestuursploeg en werd ondervoorzitster.

In 1928 werd binnen de NFLV het Secrétariat des Oeuvres Sociales opgericht, een liefdadigheidsorganisatie die onder haar begeesterende leiding stond. Emilie organiseerde studiecommissies rond de moederschapsverzekering, de hulp aan alleenstaande moeders, de werkmanslonen en de opleidingen huishoudkunde. In 1937 werd het Sécretariat omgevormd tot de autonome Groupement social féminin libéral, het latere Solidarité of Solidariteit.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog slaagde Emilie Speth erin om, ondanks het gebrek aan middelen, met Solidariteit nieuwe initiatieven te lanceren, zoals de oprichting in 1942 van de ‘Home Solidarité’, een opvangtehuis voor zwakzinnige kinderen in Antwerpen. In 1947, intussen verhuisd naar Kapellen, werd deze instelling omgevormd tot de ‘Home Philippe Speth’, genoemd naar haar in de oorlog gesneuvelde neef. Deze vzw is trouwens nog steeds actief en staat in voor de opvang van probleemjongeren.

Home Philippe Speth in Kapellen

In 1936 werd Emilie Speth voorzitter van de NFLV, waardoor ze ook een zitje kreeg in het bestuur van de Liberale Partij. Ze maakte van deze functie handig gebruik om – tegen de wens van veel mannelijke politici in – haar twee naaste medewerksters Jane Brigode en Georgette Ciselet op topfuncties binnen de partij te laten benoemen. Dit betekende de definitieve doorbraak van de vrouwen in de liberale partijstructuren, een verwezenlijking waarbij Emilie Speth een cruciale rol heeft gespeeld.

Vermeldenswaard is ten slotte ook haar rol op het vlak van het onderwijs. In 1921 richtte ze te Antwerpen de eerste School voor Maatschappelijk Dienstbetoon in België op. De school werd gefinancierd met private middelen, onder meer afkomstig uit het familiefortuin van de families Speth en Pecher. In 1947 startte de stad Antwerpen echter met een eigen school voor maatschappelijke assistenten, en twee jaar later sloot de school van Emilie definitief de deuren. Dat laatste zou ze evenwel niet meer zelf meemaken. Ze overleed op 5 maart 1945, nauwelijks 53 jaar oud, te Brussel waar ze reeds enige tijd op de Louisalaan woonde. Enkele dagen later werd ze in alle stilte begraven op het Schoonselhof in Antwerpen.

top


© 2013 Liberaal Archief
Kramersplein 23
B-9000 Gent
tel + 32 9 221 75 05
fax + 32 9 221 12 15
info@liberaalarchief.be
www.liberaalarchief.be