Wenst u ook deze tweemaandelijkse nieuwsbrief in uw emailbox te ontvangen? Schrijf in door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-subscribe@liberaalarchief.be.

Print de nieuwsbrief print-versie (zonder afbeeldingen)


Voorwoord

Voor u en wij verdiend met vakantie gaan, willen we nog enkele nieuwtjes over het Liberaal Archief rondsturen. Een mooie aanwinst voor onze instelling is het oorlogsarchief van Jean Pecher, een telg uit de bekende liberale familie uit Antwerpen die tijdens de Eerste Wereldoorlog met veel overgave zijn vaderlandse plicht vervulde aan het IJzerfront. We brengen een overzicht van enkele nieuwe inventarissen die voortaan op onze website te vinden zijn. Enkele ervan zijn erg belangrijk voor de geschiedenis van de liberale partij in ons land. Verder besteden we aandacht aan een studie met veel cijfers die prof. dr. Juul Hannes, voorzitter van het Liberaal Archief vzw, publiceerde om te weerleggen dat Vlaanderen tijdens de 19de eeuw door Wallonië ondersteund werd. Van boeken gesproken: in onze bibliotheek zitten een vijfentwintigtal verschillende edities van Ernest Staas, een bundel van de Vlaams-liberale schrijver Tony Bergmann uit Lier. De Blauwe Doos is gewijd aan een martelaar van de schoolstrijd, Frederik De Pestel, die een merkwaardig graf kreeg op de Zuiderbegraafplaats in Gent. En vergeet niet naar onze Tour te kijken! Voor de rest wensen we iedereen een goede vakantie.

Het Kramersplein verschijnt tweemaandelijks. Wij hopen u in de toekomst verder te mogen informeren. Wilt u deze nieuwsbrief niet meer ontvangen? Uitschrijven kan door een blanco mail te sturen naar nieuwsbrief-unsubscribe@liberaalarchief.be.

top

Getuige van de Grote Oorlog
De brieven van Jean Pecher


Op 27 augustus 1914 schreef de Antwerpse soldaat Jean Pecher vanuit Beersel een kort briefje naar zijn ouders in Antwerpen: "Zoals u zult vernemen, is er een grote slag geweest voor de 2de Legerdivisie. Maak u niet ongerust: de mitrailleurs hebben er geen deel aan genomen. Hoe dan ook, het bloedbad is afschuwelijk geweest en het aantal gewonden is enorm. Het is verschrikkelijk om alle kameraden in zo'n slechte toestand te zien. Het moreel is erg laag en we vragen slechts om terug te wijken naar Antwerpen, want we kunnen niet meer" (vertaald uit het Frans).

De familie Pecher is een van de belangrijkste liberale geslachten uit Antwerpen. Charles Pecher (1797-1873) was zowat de oprichter van de liberale partij in de Scheldestad, zijn zoon Edouard (1825-1892) zorgde ervoor dat de Verenigde Liberalen in 1872 de macht op het stadhuis veroverden. Onze soldaat Jean Pecher was een achterkleinzoon van Charles, die in augustus 1914, bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog, mitrailleur werd in het 7de Linieregiment. Eind 1914 kwam hij met gezondheidsproblemen in Calais terecht. Hij kreeg een job in de administratie. In augustus 1915 hield hij de paperassen voor bekeken en ging met veel plezier terug naar zijn compagnie.

De rest van de oorlog bleef Jean Pecher aan het IJzerfront. Al die jaren schreef hij geregeld naar zijn ouders, die zoals veel stadsgenoten in oktober 1914 naar Groot-Brittannië uitgeweken waren. De hele correspondentie verliep in het Frans, aangezien dat toen de voertaal in deze familie was. Begin oktober 1918 raakte Jean licht gewond en werd naar een hospitaal in Frankrijk afgevoerd. Op 18 november 1918 kreeg hij bericht dat hij mocht terugkeren naar het vaderland. Hij meldde aan Londen: "Au moment de partir pour la Belgique, je pense à vous. Le temps est merveilleux et le long voyage (3 jours) nous promet de l'amusement!"

Dergelijke uitgebreide, doorlopende verzameling correspondentie is behoorlijk uniek, te meer omdat er nogal wat postkaarten tussen zitten met spotprenten en oorlogstaferelen. Bovendien bewaarde de auteur nog ander belangwekkend materiaal. Zo verzamelde hij een heel album met foto's over de eerste maanden van de Duitse inval. Belangrijk is dat hij in een bijhorend schrift de nodige uitleg noteerde. Tijdens de oorlog werkte Pecher mee aan het soldatenblad Le Claque à Fond. Terwijl de meeste andere frontblaadjes regionale uitgaven waren die nieuws verzamelden over een stad, dorp of streek, was Le Claque à Fond een literair tijdschrift. Bij de medewerkers vindt men zelfs de "fine fleur" van de Franstalige auteurs die de oorlog bij het leger doorbrachten. Pecher hield alle nummers zorgvuldig bij. Op het einde van de oorlog noteerde hij nog een uitgebreid verslag van de vier dagen van het eindoffensief die hij in september 1918 zelf meegemaakt had.

Deze bijzonder interessante verzameling werd aan het Liberaal Archief geschonken door barones Antoinette Helsmoortel-Pecher, dochter van de dappere soldaat.

top

Nieuwe inventarissen op onze website

Het Liberaal Archief heeft andermaal een reeks inventarissen op zijn website geplaatst, zodat u ze thuis vanuit uw zetel kunt raadplegen (om de archieven zelf in te zien moet u natuurlijk nog altijd zelf naar het Kramersplein komen…). Klik hier voor het volledige overzicht.

Om met de politiek te beginnen. Hoewel de Liberale Partij al in 1846 het licht zag, duurde het tot de jaren 1920 vooraleer de partij de eerste partijstructuren uitbouwde. De Gentenaar Albert Mechelynck werd in 1920 de eerste voorzitter van een (provisoir) nationaal partijbureau. Het Liberaal Archief bewaart de verslagboeken (in fotokopie) uit de periode 1927-1974. Als we goed geteld hebben, gaat het om 1.021 vergaderingen van het partijbureau en andere partijorganen. Het is uiteraard niet te verwonderen dat daarbij alle grote thema's aan bod komen die ons land in die decennia beroerd hebben. De inventaris (klik hier) beslaat niet minder dan 361 pagina's.
Brussel is een van de oudste bolwerken van het Belgische liberalisme. Over de te volgen lijn waren de Brusselaars het niet altijd eens, zodat in de loop van de 19de eeuw een drietal verenigingen tot stand kwamen: de Société de l'Alliance Libérale (1841), de Association Libérale (1846) en de Ligue Libérale (1884). Het Liberaal Archief bewaart elf verslagboeken die nagenoeg een volledig en bijna onafgebroken relaas van het liberalisme in de hoofdstad bevatten. Raadpleeg hier de inventaris.
Wie meer geïnteresseerd is in recentere geschiedenis, kan wellicht zijn gading vinden in het archief van Jacques Van Offelen (1916-2006), die vanaf 1935 tot 1981 politiek actief was en een rijk gevarieerde loopbaan uitbouwde (volksvertegenwoordiger, senator, minister, Europees parlementslid, burgemeester). Naast archiefstukken bevat de verzameling ook een uitgebreide reeks persknipsels. Klik hier voor de inventaris.
Een verwaarloosde tak uit de geschiedenis van het Belgische liberalisme is het verenigingsleven. Nochtans staan er enkele belangrijke archieven ter beschikking om dit hiaat te verhelpen. Zo bewaart het Liberaal Archief de bestanden van de Société Callier, een caritatief genootschap dat in 1868 opgericht werd om het werk van de Gentse hoogleraar François Laurent te ondersteunen. De hoofdmoot van deze verzameling bestaat uit financiële documenten. Klik hier voor de inventaris.
Een van onze pronkstukken is het omvangrijke archief van het Willemsfonds. Om de studie ervan te vergemakkelijken maakten we een deelinventaris van het archief van de Gentse hoogleraar Hans Van Werveke (1898-1974), die voorzitter was van 1951 tot 1962. Klik hier voor de inventaris. Het Liberaal Archief publiceerde al de jeugdherinneringen van deze historicus. Lees hier meer.
Antwerpen was een van de Belgische steden waar de liberalen decennialang aan de macht waren en het officieel onderwijs veel kansen gaven. Om dit net te promoten kwamen er enkele liefdadige werken tot stand. Het Algemeen Kledingwerk voor Antwerpens Officiële Scholen werd in 1893 opgericht om kledingstukken uit te delen, vooral tijdens de winter, zodat de armere kinderen toch naar school zouden kunnen gaan. Klik hier voor de inventaris.
En nog een berichtje van de kust. In Nieuwpoort werd al in 1821 een filharmonie opgericht. Honderd jaar later probeerde men de fanfare nieuw leven in te blazen. Dat leverde haar in 1929 een koninklijke titel op. De Koninklijke Filharmonie werd in 1999 ontbonden. Een paar jaar later werd het archief aan het Liberaal Archief overgedragen. Klik hier voor de inventaris.

top

"Arm Vlaanderen" en de fiscus

Wie protesteert tegen de financiële transfers van Vlaanderen naar Wallonië, krijgt wel eens te horen dat Vlaanderen nu solidair moet zijn, zoals Wallonië dat in de 19de eeuw was. Prof. dr. Juul Hannes, emeritus hoogleraar Economische Geschiedenis van de VUB en de UGent, tevens voorzitter van het Liberaal Archief vzw, publiceerde tien jaar geleden al eens een ophefmakend artikel waarin hij deze stelling betwistte (klik hier). Nu heeft hij over hetzelfde onderwerp een boek geschreven waarin hij de fiscale ontvangsten van de Belgische overheid uit de jaren 1832-1912 analyseert. Zijn conclusie is duidelijk: Vlaanderen heeft altijd meer in de Belgische schatkist gestort dan Wallonië.

Neem nu de personele belasting. Deze was niet gebaseerd op de inkomsten van een gezin, maar op zijn uitgaven. Het was een weeldebelasting die rekening hield met de huurwaarde van het huis, het aantal buitendeuren en vensters, het aantal haarden, de waarde van het meubilair, het aantal meiden, knechten en luxepaarden. In de bestudeerde periode betaalden de Vlaamse provincies afgerond 520 miljoen, de Waalse en Brussel slechts een 330 miljoen frank. In de zwartste periode van de geschiedenis van "arm Vlaanderen" moest 46 procent van de Vlaamse gezinnen die luxetaks betalen, in Wallonië slechts 35 procent. Dat betekende niet dat Vlaanderen rijker was. Het onevenwicht was onder meer een gevolg van het feit dat de huren in Vlaanderen hoger lagen en dat Vlaanderen meer steden telde.

Een even schrijnende situatie vindt men als het over de bedrijfswinsten gaat. Het "patentrecht" was vooral gebaseerd op de situatie van de ambachtelijke activiteiten in het begin van de 19de eeuw en werd niet tijdig aan de industriële ontwikkeling aangepast. Dat had voor gevolg dat een slager hoger belast kon worden dan een hoogoven. Daardoor is het rijke industriële verleden van Wallonië in die ontvangsten niet terug te vinden. Vanaf 1900 ziet men de fiscale bijdrage van Brabant opvallend stijgen. Reden? De winsten die het groeiende aantal naamloze vennootschappen in Wallonië realiseerde, werden op de zetel in Brussel uitbetaald. Zo kwam er toch een transfer tot stand, maar niet naar Vlaanderen.

Prof. em. dr. J. Hannes, De mythe van de omgekeerde transfers, Roularta Books, Roeselare 2007, 117 p., 15,90 euro. Klik hier voor het bestelformulier.

top

Anton Bergmann uit Lier

In 1857 stichtte George Bergmann, burgemeester en advocaat, de Grondwettelijke Liberale Associatie van Lier, meteen de eerste politieke partij in deze stad. Hetzelfde jaar zorgde hij samen met zijn oudste zoon Antoon voor een partijblad, De Lierenaar. Daarom viert de plaatselijke afdeling van de Open VLD dit jaar "150 liberalisme in Lier". Tijdens de vakantie nemen stadsgidsen groepen mee op een "liberale wandeling" door het stadscentrum, in september staat een familiedag op het programma en in december volgt een academische zitting. Meer informatie daarover vindt men hier.

Zoals zijn vader werd Antoon Bergmann (1835-1874) advocaat in Lier. Al van in zijn studententijd had hij veel belangstelling voor geschiedenis en literatuur. Naast enkele novellen schreef hij een studie over het verleden van zijn geboortestad. Hij sukkelde echter met zijn gezondheid en overleed al op 39-jarige leeftijd. Postuum werd hij vooral bekend door een boek dat hij net voor zijn dood afwerkte en publiceerde onder het pseudoniem Tony.

Ernest Staas, advocaat is een bundel autobiografische schetsen die nog steeds leesbaar blijven, in tegenstelling met de meeste andere Nederlandstalige literatuur uit de 19de eeuw. "Eenzaam en treurig zat ik op mijn studiekamer", luidde de melancholische eerste zin, "Ik had die dag vervelende processen onderzocht, lange brieven nagezien, verdrietige wetboeken doorbladerd, en bevond mij gelukkig eindelijk in mijn brede leunstoel een weinig rust te genieten".

Het boek ging zelf deel uitmaken van wat men tegenwoordig de "canon" zou noemen. Er verschenen zoveel edities dat de uitgevers de tel kwijt geraakten. Wellicht raakten er ook uitgaven zoek. Van de achtste uitgave (1900) gaat het immers naar de elfde (1908). Na de vijftiende (1915) stopten de uitgevers met tellen, al kwamen er nog vijftien tot twintig nieuwe uitgaven op de markt. Omstreeks de Tweede Wereldoorlog begon men zelfs opnieuw te nummeren om te eindigen met nummer 10 (1960). Ook de Franse en Duitse vertalingen beleefden meer dan één editie.

Omdat Antoon Bergmann een belangrijk auteur is uit de Vlaams-liberale "stal", houdt het Liberaal Archief zijn werk bij. Van Ernest Staas (vaak ook Staes gespeld) bezitten we momenteel een vijfentwintigtal verschillende edities. De meeste exemplaren danken we aan Carlos Van Louwe, de onvermoeibare boekenverzamelaar uit Koksijde die vorig jaar overleed. Het mooiste stuk is ongetwijfeld het boek dat de Amsterdamse uitgever Van Looy in 1914 uitbracht en liet drukken door de Antwerpse firma van J.-E. Buschmann. Deze veertiende druk bevat de bekende biografie door de Gentse hoogleraar J.F.J. Heremans (uit de tweede druk) en een nieuw voorwoord van de Antwerpse kunstkenner Pol De Mont. Het boek is geïllustreerd met een reeks sombere "platen" van Walter Vaes.

De lijst van Bergmanns werken in het bezit van het Liberaal Archief vindt u in de databank van Libis. Klik hier.

top

Klein nieuws

Niet vergeten!
De politici hebben duidelijk al de weg gevonden naar de nieuwe media. Voor de voorbije parlementsverkiezingen zorgde de Open VLD zelfs voor een speciale website waarop de partij en de kandidaten zichzelf van hun beste kant konden laten zien in youtube-filmpjes. Wie er nog van wil genieten, surft naar www.opentube.be.

Omdat het Liberaal Archief alles probeert te bewaren wat voor het historisch onderzoek belangrijk kan zijn, downloaden we ook dergelijke initiatieven. Dat belet niet dat we nog steeds sterk geïnteresseerd blijven in klassieke verkiezingspropaganda, zoals affiches en folders. Kiezers aller landen, gooi ze niet weg, maar bezorg ze ons!

Een Belgische Winnaar in de Tour de France
Terwijl de sportliefhebbers aftellen voor de Ronde van Frankrijk en vooral voor de ritten die ons land aandoen, kunnen ze misschien nog eens hun hart ophalen met het lezen van oude verslagen over de tijd toen de Belgen deze koers nog domineerden. In 1926 bijvoorbeeld stond onze landgenoot Lucien Buysse met de gele trui op het podium in Parijs. In die tijd waren de renners grotendeels op zichzelf aangewezen. Sommigen maakten niet eens deel uit van een ploeg maar deden op eigen houtje mee. De deelnemers aanvaardden dan ook wel eens de hulp van toeschouwers. Een eindje meerijden in een auto was verboden, lezen we, maar een renner die zijn trappers kapot stampte, mocht wel verder rijden met de fiets van een omstaander. Deze man peddelde er nog meer dan 50 km mee. De verslagen van Het Laatste Nieuws zijn soms hilarisch om te lezen. Klik hier.

Een medaille voor barones Pol Boël
Het Liberaal Archief kon een mooie medaille verwerven die in 1950 door beeldhouwster Josine Souweine vervaardigd werd om barones Pol Boël (1877-1956) te huldigen voor haar dertig jaar lange politieke inzet voor de vrouwen. Die hulde had plaats op het Brusselse stadhuis en werd bijgewoond door alle grote namen uit de vrouwenbeweging.

Marthe de Kerchove de Denterghem, in 1898 getrouwd met de industrieel Pol Boël uit La Louvière, had immers heel haar leven geijverd om de positie van de vrouw te verbeteren. Zo hielp ze in 1920 het eerste liberale vrouwencongres organiseren, dat grotendeels aan het kiesrecht gewijd was. Ze was een van de oprichters van de Union des Femmes Libérales de l'Arrondissement de Bruxelles en van de Nationale Federatie van Liberale Vrouwen. Ze was jarenlang voorzitster van de Nationale Vrouwenraad en van de Internationale Vrouwenraad.

Klik hier voor een biografie van de barones.

top

De Blauwe Doos
Een martelaar van het burgerlijk onderwijs


Alle Gentenaars kennen de Westerbegraafplaats en Campo Santo, maar weinigen weten dat er aan de Ottergemsesteenweg nog een kerkhofje ligt. Men vindt er onder meer het bizarre grafmonument van Frederik De Pestel (1824-1886). Op de steen staat de bittere tekst te lezen: "Hij bleef in 1879 getrouw aan zijn eed, werd vervolgd door de katholieke dweepzucht en stierf als martelaar voor het burgerlijk onderwijs".


Frederik De Pestel werd op 13 mei 1824 in Nevele geboren als zoon van een onderwijzer. Na diens overlijden nam hij de school van zijn vader over. Met zelfstudie behaalde hij een officieel onderwijsdiploma. Op het einde van de jaren veertig werd hij als allereerste benoemd tot gemeenteonderwijzer te Sint-Martens-Leerne. Dit schooltje bouwde hij uit tot een lokale centrumschool, waar bijna alle kinderen uit het dorp en de omgeving les kwamen volgen.

Net zoals elders in Vlaanderen zorgde de liberale wet op het lager onderwijs in 1879 ook in Sint-Martens-Leerne voor een extreme polarisatie. De geestelijkheid mobiliseerde het hele dorp tegen de gemeenteschool. Op 1 september 1879 moest De Pestel vaststellen dat er niet één leerling meer was komen opdagen. De campagne tegen zijn persoon werd zo scherp dat hij zijn overplaatsing vroeg. Hij werd aangesteld tot hoofdonderwijzer te Drongen. In december 1882 werd hem bij koninklijk besluit de burgerlijke medaille eerste klasse verleend.

De verkiezingen van 1884 bracht de katholieken opnieuw aan de macht. Zij vaardigden snel een nieuwe wet op het lager onderwijs uit. Het Drongense gemeentebestuur maakte onmiddellijk van de nieuwe situatie gebruik en degradeerde De Pestel tot onderwijzer in de gemeenteschool van Baarle, een gehucht van Drongen. Een week later, op 19 november 1884, besliste de gemeenteraad het schooltje van Baarle te sluiten. De Pestel werd ter beschikking van het ministerie gesteld en kort erop gedwongen om op rust te gaan. Zijn pensioendossier verdween in de ambtelijke molen en kwam er niet meer uit. De man zag nooit een cent. Totaal berooid trok hij zich terug in Gent, waar hij op 18 maart 1886 overleed, straatarm.

Het overlijden van De Pestel veroorzaakte in Gent een schok. Het Willemsfonds, waarvan hij al jaren een trouw lid was, het Vlaams-liberale weekblad Het Volksbelang en het liberale dagblad La Flandre Libérale startten een campagne waarin ze de macht van de clerus en het katholieke onderwijsbeleid hard aanpakten.

De begrafenis van De Pestel op de Zuiderbegraafplaats, naast het monument voor Hippoliet Van Peene op het erepleintje, werd een liberaal-vrijzinnige manifestatie. De belangrijkste sprekers, Karel Loveling en Paul Fredericq, maakten van de man een symbool van de moeilijke strijd van het officieel onderwijs. Willemsfondsers en oud-collega's richtten een commissie op die geld inzamelde voor een grafmonument. Op enkele maanden tijd bracht ze de nodige centen bijeen. Op 1 augustus 1886 trok een stoet met vaandels en muziek van het lokaal van de Kunst- en Letterkring aan de Sint-Jansvest naar de Zuiderbegraafplaats, waar een laatste hulde plaatshad.

top


© 2007 Liberaal Archief
Kramersplein 23
B-9000 Gent
tel + 32 9 221 75 05
fax + 32 9 221 12 15
info@liberaalarchief.be
www.liberaalarchief.be