www.liberaalarchief.be
terug naar overzicht
Jan-Frans Willems (1793-1846)
Sint-Baafsplein


Jan-Frans Willems Over weinig standbeelden is in Gent zo veel gediscuteerd als over het monument voor Jan-Frans Willems op het Sint-Baafsplein. De Franstalige pers had uiteraard veel vragen over de wenselijkheid van een flamingantisch monument in het centrum van de stad. De socialisten weigerden een Vlaams cultuurevenement te ondersteunen zolang het dagelijks leven van de Vlaming "een onafgebroken strijd om een stuk brood" was. Over de plaats waar het beeld zou komen, werd binnen de gemeenteraad menig debat gevoerd: hoorde dit beeld op het Graaf van Vlaanderenplein, het Laurentplein of in de Limburgstraat? Het ontwerp verhitte de gemoederen nog het meest.

Deze autodidact werd in de jaren 1820 een spilfiguur in het Vlaamse culturele leven. Na de Belgische Onafhankelijkheid leefde hij als overtuigd orangist korte tijd in onmin met de Belgische overheden, maar in 1835 volgde een verzoening. In de loop van de volgende jaren groeide hij uit tot de natuurlijke leider van de Vlaamsgezinden in hun prille strijd voor de gelijkberechtiging van het Nederlands. Het stimuleren van de kennis van en liefde voor de eigen taal was een van Willems’ belangrijkste bekommernissen. Hij was actief in het toneelleven – zo werd hij voorzitter van de Gentse rederijkerskamer De Fonteine – en bij diverse literaire verenigingen. Hij besteedde aandacht aan de volksliteratuur en hield menig pleidooi voor de verbetering en uitbreiding van het volksonderwijs. Hij stond aan de wieg van de eerste Belgisch-Nederlandse spellingscommissie, publiceerde filologische studies en stond in voor de heruitgave van vele Middelnederlandse teksten met als blikvanger het epos Reinaert de Vos. Postuum publiceerde zijn vriend Ferdinand Snellaert nog Willems’ Oude Vlaemsche Liederen.

Jan-Frans WillemsOnmiddellijk na het overlijden van de "Vader van de Vlaamse Beweging" namen zijn vrienden en bewonderaars een paar initiatieven die zijn inzet moesten vereeuwigen. Zo plaatste men een herdenkingssteen aan zijn sterfhuis op de Zandberg en kreeg hij op het Campo Santo in Sint-Amandsberg een praalgraf, dat nog steeds de Heldenheuvel domineert.

In 1851 richtten enkele Vlaamsgezinden het Willemsfonds op. Het doel van deze vereniging was (en is) zowel de verdediging en promotie van het Nederlands als de politieke en sociale emancipatie van de Vlamingen. Gestart als een neutraal genootschap kreeg het in de jaren 1860, onder impuls van Julius Vuylsteke, een uitgesproken liberaal-vrijzinnig profiel. Met het Gentse Lakenmetershuis op de Vrijdagmarkt als centrale zetel breidde het Willemsfonds zich geleidelijk uit over heel Vlaanderen. Naast allerlei politieke initiatieven (zoals petities aan het parlement) zette het Willemsfonds zich in voor de organisatie van volksbibliotheken, spreekbeurten, naschoolse vorming, concerten, toneel- en liederavonden. Het publiceerde een rijke mengeling van fictie en non-fictie en nam het initiatief voor de uitgave van het cultureel-literaire tijdschrift De Vlaamse Gids (1905-2000).

Het standbeeld op het Sint-Baafsplein kwam er als een gemeenschappelijk initiatief van liberalen en katholieken. In 1897 stichtten ze een Willemscomité met aan het hoofd de Gentse professoren Paul Fredericq, voorzitter van de Gentse Willemsfonds-afdeling, en Julius Obrie, de katholieke voorzitter van de Snellaertskring. Na wat getouwtrek tussen Gentenaars en Antwerpenaars over de stad waar men het monument zou plaatsen, startte een moeizame discussie. Deden er zich op financieel vlak geen problemen voor dankzij de vele privébijdragen en milde subsidies, dan geraakte men het moeilijk eens over een ontwerp. Pas nadat de Brusselse beeldhouwer Isidoor De Rudder woedend al zijn ontwerpen met een hamer had vergruizeld, bereikte men een consensus over de allegorie die er nu staat: een gespierde jongeling, die de Vlaamse Beweging voorstelt, verwijdert de sluier van een Vlaamse maagd. Op de voorkant van de sokkel vinden we een portretmedaillon van Willems terwijl de zijkanten verwijzen naar het Vlaamse volkslied en het dierenepos Reinaert de Vos.

De belangstelling voor de inhuldiging van het monument op 27 augustus 1899 was enorm. Tussen de Zonnestraat en het Graaf van Vlaanderenplein vormden 313 verenigingen een kilometerslange stoet die voorbij de eretribune defileerde*. Die dag werd ook het evenwicht tussen Gent en Antwerpen hersteld. Hield de Gentse burgemeester Emile Braun een opgemerkte toespraak in het Nederlands, dan was het toch zijn Antwerpse collega Jan Van Rijswijck die het meest bijval oogstte met zijn oproep voor een blijvende Vlaamse inzet.

* Voor een volledige lijst van de deelnemers aan deze stoet, klik hier (in pdf)

Illustraties:
(boven) Het Jan-Frans Willemsmonument op het Sint-Baafsplein.
(onder) Een afgekeurd ontwerp van De Rudder dat onmiddellijk de naam "Den blute pompier" meekreeg.


E. Braun  Ch. de Kerchove  O. de Kerchove  J. Guislain  F. Laurent   A. Mechelynck  H. Metdepennningen  K. Miry  J-F. Willems       top